Club Brugge – Standard Luik (2-2): Rouches counterend naar verdiend punt

De eerste Super Sunday in de Pro League zorgde meteen voor spektakel. Club Brugge pakt op eigen veld in extremis nog een punt tegen een stug Standard Luik, een resultaat waar geen van beide achteraf heel blij mee was.

Met respectievelijk 6 (Club Brugge) en 5 (Standard) punten uit de eerste 4 competitiewedstrijden waren geen van beide topteams sterk uit te startblokken geschoten. Tijd dus om zieltjes te winnen bij de fans in de eerste topaffiche van het nieuwe seizoen.

tactiek Club Brugge Standard

Opstellingen Club Brugge & Standard Luik

Bij Club Brugge lag de focus de voorbije weken vooral op het aankomende Champions League avontuur, tegelijk liggen de creatieve wingers Izquierdo en Refaelov een tijdje in de lappenmand. Michel Preud’homme koos daarom verrassend voor een 4-4-2 met Vossen en Wesley in de spits, zowel Diaby als Vanaken moesten vrede nemen met een plaats op de bank. De elf namen: Butelle, De Bock, Denswil, Engels, Van Rhijn, Simons, Claudemir, Vormer, Gedoz, Vossen en Wesley.

Yannick Ferrera kon zich dan weer geen gebrek aan scherpte permitteren, elke nederlaag kan nu eenmaal het einde betekenen van zijn Luiks avontuur. Hij bedacht een tactisch plan om de thuisploeg pijn te doen op de counter met volgende spelers: Hubert, Goreux, Scholz, Laifis, Fiore, Enoh, Trebel, Touré, Dompé, Dossevi en Mmae.

Drie verdedigende middenvelders
Ferrera kwam met een speciale strategie op de proppen die eigenlijk het volledige wedstrijdbeeld tekende. Standard leunde terug rond de middenlijn, met het idee daar te bal te veroveren en snel te counteren richting het Brugse doel. Dat deden de Rouches op een vooraf uitstekend uitgekiende manier:

Opvallend daarin was de duidelijke keuze voor 3 defensieve middenvelders. Bij balverlies dekte Enoh het centrum af waar Touré en Trebel naast hem respectievelijk ook de rechter- en linkerflank voor hun rekening moesten nemen. Het feit dat deze middenvelders voortdurend gevraagd werd deze flanken te helpen verdedigen, en dat ook lange tijd goed uitvoerden, was cruciaal in het volgende onderdeel van Ferrera’s strategie.

Nu konden de zogezegde flankaanvallers Dossevi en Dompé namelijk hun krachten sparen voor in de omschakeling. De twee snelle, creatieve spelers werden met niet heel veel verdedigende taken belast en konden naar hartenlust counteren. Dompé koos als linkerflankaanvaller in balverlies steeds relatief centraal positie om daar Simons op te vangen. Wanneer Standard de bal veroverde, kreeg Dompé de bal ofwel in de voet in de rug van Simons of werd hij in de ruimte getorpedeerd die werd achtergelaten door de oprukkende Van Rhijn.

counter

Twee duidelijke (gele) lijnen bij Standard (lijn van 4 verdedigers, lijn van 3 centrale middenvelders) met daarvoor Dompé, Dossevi en Mmae in een vooruitgeschoven rol: klaar om te counteren

Dossevi kreeg een gelijkaardige rol al mocht hij iets hoger op het veld blijven in balverlies. Hij hield Claudemir van op een afstand dan wel in de gaten maar zijn belangrijkste taak was om de bal tussen de linies te vragen bij balrecuperatie of in de diepte te duiken om meteen gevaar te creëren. Diepe spits Mmae paste zich aan om de bal dan te vragen waar zijn ploegmaats niet op tijd in gevaarlijke posities geraakten.

Trage opbouw Club Brugge
Tegelijk zorgden de posities van Dompé en Dossevi ervoor dat de thuisploeg niet tot een snelle balcirculatie kwam. Vorig seizoen al werd de opbouw van Club vaak geleid door de centrale middenvelders waarvan minstens 1 speler uitzakte naar de buitenkant. Omdat deze echter in de gaten gehouden werden door Dompé en Dossevi waren daarvoor weinig mogelijkheden. Bovendien zat het centrum goed vast door de drie centrale middenvelders bij de bezoekers.

Snelle flankwissels konden het beste antwoord zijn van Club Brugge, maar dat werd nagelaten door Simons, Claudemir en beide centrale verdedigers.

Boulevard Van Rhijn
Uiteraard impliceerde deze tactiek dat er heel wat ruimte lag op de flanken voor Club Brugge. Op rechts verdedigde Touré wel de hele match goed breed mee, waardoor de ruimte vooral op de andere flank, de Luikse linkerkant, kwam te liggen. Daar hielp Trebel waar mogelijk maar moest Fiore de problemen toch regelmatig alleen oplossen.

Club probeerde met de oprukkende Van Rhijn deze ruimte optimaal te benutten maar liet hier uiteindelijk toch vooral kansen liggen. Een creatieve speler gekoppeld aan de infiltraties van de Nederlandse back hadden grote schade aan de Luikse defensie kunnen aanrichten. De aanvallende inbreng van gelegenheidsrechtsmidden Vormer bleef echter relatief beperkt. De grootste kansen kwamen er dan ook na voorzetten van Van Rhijn richting vooral Vossen die een aantal grote mogelijkheden de nek omwrong.

Luikse counter
De 0-1 kwam er, hoe kan het ook anders, via de verwachte omschakeling. Mmae met een goede loopactie in de rug van Van Rhijn waar hij ook effectief de bal krijgt. Centrale verdediger Engels gaat te laconiek in duel waardoor Mmae kan voorzetten. Deze wordt al even makkelijk binnengelegd door de infiltrerende Touré die niet wordt opgepikt door Denswil, De Bock of Simons.

tactiek voorzet

Van Rhijn dekt door op Dompé waardoor Mmae in de hoek kan duiken en Engels meetrekt. Centraal staan Denswil, De Bock en Gedoz (blauw) slechts tegen 2 tegenspelers (rood) om de voorzet onschadelijk te maken

voorzet

Denswil stapt uit om Engels bij te staan, Simons & De Bock staan 2v1 tegen Touré maar verliezen toch het duel

Dossevi als spelmaker
Voor de rest beperkte het voetbal van Standard zich echter vooral tot het wild naar voor trappen van de bal, ook in de opbouw werd al heel snel in de match gekozen voor de lange bal. Pas toen Club Brugge terug op gelijke hoogte kwam, probeerden de Rouches er achterin opnieuw voetballend uit te komen.

Omdat Club Brugge met twee spitsen druk zette, liet Standard defensieve middenvelder Enoh uitzakken tussen de centrale verdedigers. Ondanks die meerderheid, want 3 Standard-spelers tegen 2 aanvallers van Club, verliep de opbouw erg moeizaam. Enkel wanneer Dossevi kwam helpen centraal en laag op het middenveld kwamen de bezoekers echt aan voetballen toe. Voor het overige beperkte het zich tot vaak heel scherpe counters.

Brugse gelijkmaker van op rechts
Net na rust kwam Club opnieuw op gelijke hoogte. Een weggewerkte vrije trap belandde, niet toevallig, op de rechterkant waar Standard te laat druk op kon zetten. Vormer brengt de bal knap in de box waar Gedoz al even fraai binnenwerkt.

Het wedstrijdbeeld bleef eigenlijk de volle 90’ behouden: Club probeerde met direct voetbal tot voorzetten te komen voor de twee spitsen, terwijl Standard op de counter loerde en steeds gevaarlijk omschakelde met drie snelle, doelgerichte aanvallers.

De wissels brachten daar amper verandering in: Diaby verving Gedoz als linksmidden, een bizarre keuze maar mogelijks te verklaren om op de talrijke voorzetten van op de rechterflank een extra spits in de box te krijgen. Terwijl bij de bezoekers Junior Edmilson de plaats innam van Dompé in dezelfde rol, al scoorde hij wél op één van de vele omschakelmomenten na slordig uitrollen van doelman Butelle.

Uiteindelijk kopte Engels in de slotfase de verdiende gelijkmaker binnen in een aantrekkelijke topper. Club Brugge zit duidelijk nog niet volledig met hoofd bij de competitie, maar blijft kalm want dat was het vorig jaar deze tijd eigenlijk ook nog niet: ook toen haalde het slechts 7 punten uit de eerste 5 matchen.

Op de Luikse vulkaan ligt de druk een pak hoger: coach, bestuur en spelers lijken er constant met getrokken messen tegenover elkaar te staan. Ferrera is echter op de goede weg om uit de jonge talenten en dozijn nieuwe spelers een solide team te boetseren. Een ontslag zou de chaos alleen maar aanwakkeren.

Meer Belgisch voetbal

Hongarije – België (0-4): Masterclass counteren

Een hapklare brok, dat moesten de Hongaren worden op weg naar de finale. En zo geschiedde, een kinderlijk naïef en zwak Hongarije kreeg een pak rammel van onze counterende Belgen met Eden Hazard in een glansrol.

tactiek Belgie

Opstellingen van België & Hongarije

Hongarije was verrassend groepswinnaar geworden na een overwinning tegen Oostenrijk (2-0) en draws tegen Portugal (3-3) & IJsland (1-1). Terwijl het team dit EK al in bijna alle mogelijke formaties aantrad, koos bondscoach Storck voor een ambitieuze, offensieve 4-3-3 met Kiraly, Kadar, Guzmics, Juhasz, Lang, Nagy, Gera, Pinter, Dszudzsak, Lovrencsics en Szalai.

Bij België moesten er geen echte knopen worden doorgehakt, opnieuw een 4-2-3-1 dus met Courtois, Vertonghen, Vermaelen, Alderweireld, Meunier, Nainggolan, Witsel, De Bruyne, Hazard, Mertens en Lukaku.

De Rode Duivels startten snedig aan de wedstrijd met veel en hoge druk op de bal aangevoerd door Lukaku en De Bruyne.

Zeeën van ruimte op middenveld
Ook aan de bal deden onze Belgen het goed, al lag dat deels aan het zwakke Hongaarse blok. Wanneer België opbouwde, positioneerde Hongarije zich om hoge druk uit te oefenen met middenvelders Gera & Pinter hoog in het veld om Nainggolan & Witsel onder druk te zetten. Omdat de aanvallers echter onvoldoende pressing uitoefenden op Alderweireld & Vermaelen, konden die voortdurend De Bruyne, de afhakende Lukaku of Hazard tussen de linies aanspelen. Daar zwom meestal Nagy als enige verdedigende middenvelder in enorme ruimtes (zie onderstaand beeld) waar De Bruyne, Hazard en Lukaku dankbaar gebruik van maakten. Aan de rust bracht de Hongaarse bondscoach dan ook een tweede verdedigende middenvelder in het veld waardoor het evenwicht ietwat hersteld werd.

Twee Hongaarse middenvelders staan hoog, maar er is geen druk op Alderweireld. Die kan makkelijk inspelen op Lukaku, De Bruyne of Hazard die zeeën van ruimte hebben tegen 1 middenvelder.

Twee Hongaarse centrale middenvelders staan hoog, maar er is geen druk op Alderweireld. Die kan makkelijk inspelen op Lukaku, De Bruyne of Hazard die zeeën van ruimte & tijd hebben tegen 1 middenvelder.

Na de vroege 0-1 op vrije trap trok België zich geleidelijk aan iets meer terug. De hoge druk werd wat afgebouwd en de Hongaren kregen de bal (54% balbezit over hele match bekeken). Vanuit de vorige matchen was al duidelijk dat Hongarije graag de bal heeft en durft voetballen van achteruit ondanks de heel beperkte kwaliteiten daar. In de voorbereiding werd dit tegen Duitsland, dat toen met de handrem op speelde, al afgestraft (2-0).

Dszudszak als spelmaker
Om de opbouw te doen slagen, maakte Hongarije het veld namelijk heel groot, zeker centraal, voor een stuk naar analogie met het positiespel van bijvoorbeeld de Duiters. De centrale verdedigers uit elkaar, de backs hoog. Ook de middenvelders stonden vaak erg hoog maar de flankaanvallers vaak nog breed. Dat veroorzaakte twee problemen:

In de eerste plaats kon er bijna enkel ingespeeld worden van de centrale verdediger naar de flankverdediger, naar de flankaanvaller en terug achteruit in een U-vorm. De zeldzame momenten dat de Hongaren uit de druk konden voetballen, was dit bijna uitsluitend te danken aan Dszudzsak die z’n flank verliet en als verdedigende middenvelder een rol als spelmaker opeiste. De drie Belgische middenvelders die de mandekking op de Hongaarse middenvelders voor hun rekening moesten nemen, pikten hem daar onvoldoende op.

Dodelijke Belgische counters
Het tweede Hongaarse probleem was de vele ruimte tussen alle spelers waardoor het erg kwetsbaar werd in de omschakeling. De backs en middenvelders konden vanaf het uur bijna nooit op tijd terug in hun defensieve stelling komen waardoor België voortdurend in meerderheidssituaties werd gebracht. In de opbouw stond Hongarije dan wel gepositioneerd als Duitsland maar technisch werd alles uitgevoerd als San Marino. De beperkte techniek (passing, aannames, wegdraaien) van vele andere spelers was echter even schrijnend als lachwekkend, waardoor Hongarije weinig kon creëren en de Belgen de counters maar uit te pakken hadden.

De Rode Duivels profiteerden uiteraard optimaal en dikten het totaal aantal gemaakte goals uit counters op dit EK al aan tot 5, voorlopig een record. De belangrijkste factoren daarin zijn ongetwijfeld:
– versnellingen met bal aan de voet door De Bruyne en Hazard (11 geslaagde dribbels in deze match)
– tegelijk voldoende infiltrerende spelers van achteruit om een meerderheid te creëren
– perfectie in de passing: timing van inspelen, in de loop, weg van de tegenstander
– genadeloos afwerken

Vooral Hazard en De Bruyne kunnen zich in een ‘counteromgeving’ dan ook volledig uitleven, Lukaku had het duidelijk moeilijker als hij snelle, technische keuzes moet maken en niet zelf wordt diep gestuurd. Bekijk hieronder een aantal Duivelse omschakelmomenten.

Belgie tactiek

Slecht positiespel bij de Hongaren leidt tot verschillende Belgische counters (deel 1)

 

België tactiek

Slecht positiespel bij de Hongaren leidt tot verschillende Belgische counters (deel2)

Opgelegd balbezit
Euforie. Dat lijkt het codewoord waarmee we het gevoel bij de Belgische fans kunnen beschrijven. En terecht, want meer dan ooit leeft het gevoel dat de Rode Duivels geschiedenis kunnen schrijven. Meer nog, de finale halen lijkt een must. En deze prestatie was hoopgevend dankzij ons beste counterspel en de topvorm die Hazard, Courtois en De Bruyne gevonden hebben. Maar beste Marc Wilmots & fans, nu begint het pas. De bel is gegaan, de speeltijd is definitief voorbij.

Nu komen de georganiseerde tegenstanders genre Italië die ons het initiatief gunnen en daar zelf een verdedigend blok tegenover zetten. Iets waar we de laatste jaren amper oplossingen tegen vonden. Nu komen ploegen mét een tactisch plan gekoppeld aan individuele kwaliteit. Nu komt Wales (en hopelijk daarna nog Portugal of Polen). Hopelijk kunnen onze spelers hun topvorm aanhouden, kijken we niet tegen een 1-0 achterstand aan en misschien hopen we stiekem ook op een tactisch plannetje om dominant aan te vallen vanuit (opgelegd) balbezit. Want behalve de tweede goal tegen de Ieren konden we dit EK enkel nog maar prikken op de counter en op spelhervattingen… Go Belgium!

Alle Belgische goals (Sporza)

Meer internationaal voetbal!

 

Arsenal – Barcelona (0-2): Barça wint spel van ruimte

tactiek Barcelona Arsenal

                      Opstellingen Arsenal & Barcelona

Arsenal FC & FC Barcelona die elkaar ontmoeten in de achtste finale van de Champions League, er zijn affiches die minder aantrekkelijk zijn zo vroeg op het tornooi. Engeland tegen Spanje, maar een clash van stijlen is het zeker niet. Of toch?

Arsène Wenger koos, op papier althans, voor een 4-3-3 en volgende elf spelers: Cech, Monreal, Koscielny, Mertesacker, Bellerin, Coquelin, Ramsey, Özil, Sanchez en Giroud. In werkelijkheid leunde de opstelling meer aan richting een 4-4-2 maar daarover later meer.

Barça speelt uiteraard overal en altijd zijn eigen spel, Luis Enrique koos voor de gekende namen in zijn 4-3-3 met Ter Stegen, Alba, Mascherano, Pique, Alves, Busquets, Iniesta, Rakitic, Neymar, Suarez en Messi.

Engelse pressing in openingsfase
Arsenal startte hevig aan de match met snelle druk vooruit in de opbouwfase van Barcelona. Wanneer Ter Stegen moest intrappen, stelde Arsenal zich hoog op om de lange bal te forceren en die te recupereren wat ook vaak lukte.

Eens Barça de bal rondspeelde achterin, gingen de Gunners ook meteen pressen. Het was de energieke Alexis Sanchez die hiervoor steeds het signaal gaf door zijn positie als linksvoor te verlaten, druk te zetten op Pique die de bal kreeg, en zelf de passlijn af te zetten op Dani Alves. Als de bal dan toch bij de Braziliaan terechtkwam, wat de Catalanen uiteraard probeerden, kreeg die snel druk van Özil of een andere middenvelder. Vaak probeerde Pique echter een crossbal naar de andere kant van het veld te spelen of werd dat via een tussenstation getracht te bereiken, maar dat leverde vooral veel balrecuperatie op voor Arsenal.

Het plannetje lukte dus geregeld in de openingsfase waardoor Arsenal de eerste minuten kon domineren. Vanwege de hoge intensiteit schakelde het nadien over op iets realistischer voetbal, waarin een blok vormen en snel counteren centraal stonden.

Gebrek aan infiltraties en tempo bij Barcelona
Barcelona kreeg daardoor wat meer tijd aan de bal en kon zo het initiatief overnemen terwijl de thuisploeg zijn organisatie aanpaste naar een soort 4-4-2 en dieper inzakte. In dat lage blok kwam Özil naast Giroud spelen, samen kregen ze de verantwoordelijkheid toebedeeld om de passlijnen op de middenvelders van Barça af te zetten. Daarachter vormde Wenger twee lijnen van vier die kort op elkaar speelden. Zowel in de lengte, vaak was er maar 8 à 9 meter tussen verdediging en middenveld, als in de breedte, van Chamberlain tot Sanchez vaak ook slechts 20 meter. Iemand tussen de linies aanspelen was moeilijk voor Barcelona, de ruimte lag duidelijk op de buitenkanten. Wanneer flankaanvallers Messi & Neymar echter afhaakten werden die van kortbij gevolgd door Monreal en Bellerin.

De bezoekers hadden meer dan 70% van de tijd de bal maar vonden de openingen niet door een gebrek aan tempo & zuiverheid in de balcirculatie in de achterste linie en vooral een duidelijk tekort aan infiltraties van achteruit. Terwijl Rakitic in de beginfase nog goed tussen de linies speelde, zakte hij naarmate de eerste helft vorderde verder achteruit en kwam hij net als Iniesta vaak in de bal. Het maakte het makkelijk doordekken voor de Arsenalmiddenvelders die steun kregen van hun defensie die de ruimte tussen de linies heel beperkt hield.

Arsenal probeert op de counter
Ook Messi & Neymar werden geschaduwd door de backs wanneer zij weer eens breed en laag de bal wilden komen halen, en niemand die de gecreëerde ruimte in de rug van de Arsenalverdedigers gebruikte. Naar het einde van de eerste helft toe boden Jordi Alba & Alves finaal dan toch nog steun aan hun aanvallers met verschillende rushes langs de flank, het zorgde meteen voor een aantal grote kansen voor oa Luis Suarez.

In balbezit rekende Arsenal nu voornamelijk op de counter met de snelheid van Sanchez en Oxlade-Chamberlain en de vista van Özil. De troepen van Wenger profiteerden een tweetal keer goed van de onzuiverheid in de passing bij de Catalanen maar de efficiëntie in de laatste pass of het uiteindelijk schot op doel was ruim onvoldoende, 0-0 aan de rust.

De tweede helft begon op dezelfde manier als de eerste, met Barça dat er voetballend probeerde uit te komen en Arsenal die dat trachtte te bemoeilijken met hoge druk. Met Busquets die meer inzakte tussen de centrale verdedigers en de backs, Alba & Alves, die hoger gingen spelen werd Arsenal echter al snel teruggedrukt door de man-meersituaties & infiltraties wat de Engelsen opnieuw dwong voor de organisatie in hun 4-4-2.

Maar Barça scoort op de counter
Eens in balbezit probeerden de Gunners wel man-meersituaties te creëren voorin met infiltraties van Ramsey en, in tegenstelling tot in de eerste helft, ook vaak inschuiven van de backs met Monreal maar vooral Bellerin. Ironisch genoeg besliste net deze zet de wedstrijd: Arsenal is in de aanval met ook de ingeschoven Bellerin maar verliest de bal, Barcelona schakelt vliegensvlug om en kan een 3v3 (!) situatie voorin creëren met haar triumviraat Neymar, Messi en Suarez, een cadeau dat het dankbaar in ontvangst nam, 0-1.

Het Engelse enthousiasme dus snel in de kiem gesmoord en voor Barcelona hoefde het niet zo zeer meer, balbezit houden was de boodschap. Beide ploegen kregen nog een aantal kansjes maar het was de net ingevallen Flamini die met een domme tackle Messi zijn tweede van de avond, deze keer van op de stip, gunde en zo de terugmatch overbodig maakte, 0-2.

Aan de top van het hedendaagse voetbal draait het allemaal om ruimte: de ruimte in de rug verdedigen en in balbezit meerderheidssituaties creëren in de beperkte ruimte die er vaak is. Barça en Arsenal probeerden het spelletje van de ruimte elk op hun manier naar zich toe te trekken: de Catalanen zoals steeds met dominant spel via het aanvalstrio geruggesteund door de opkomende backs, Arsenal voornamelijk op de counter met de snelheid van Sanchez en The Ox. Maar Barça toonde zich zoals zo vaak de laatste jaren opnieuw meester van de ruimte.

 

Samenvatting Arsenal FC – FC Barcelona

Meer buitenlands voetbal

Leicester City: The Italian Job

“Onze conditie is uitstekend. We moeten lopen: net zoals Forrest Gump. Run, run, run”. Zo verklaarde de Italiaanse coach Claudio Ranieri het succes van zijn Leicester City. Vorig jaar maar nipt in de Premier League gebleven en dit seizoen als leider de kerstperiode in, uniek. De succesformule is wel net iets gecompliceerder dan Ranieri laat blijken.

Leicester kon zich vorig seizoen in extremis behoeden voor degradatie naar The Championship. Om die lange doodsstrijd een tweede jaar op rij te vermijden moest kwaliteit & organisatie in huis gehaald worden. En daarvoor kwam in juli de Italiaan Ranieri, ex-Chelsea, Valencia, AS Roma,… De nieuwbakken coach stelde 40 punten voorop, het aantal dat in theorie voldoende is voor een verlengd verblijf in The Premier League. Intussen is Leicester de sensatie over het Kanaal met 38 punten en een voorlopige leidersplaats na 18 wedstrijden. In een platte 4-4-2, met een speelstijl gelijkend op Atlético Madrid & Standard Luik, op zoek naar eeuwige roem…

Leicester City opstelling

Basisploeg Leicester City

Stugge organisatie
In balverlies kiezen The Foxes voor een medium blok. De twee spitsen zakken terug tot kop van de cirkel, de rest van de ploeg vat daarachter post in twee lijnen van vier. De onderlinge afstanden tussen de linies (in de lengte) worden beperkt tot 8 à 9 meter. Daardoor is het moeilijk voor de tegenstander om iemand vrij te spelen tussen de linies. Als een speler de bal daar dan toch ontvangt, krijgt die bij zijn eerste balcontact al meteen felle druk van één of meerdere spelers van Leicester te verwerken.

De 2 aanvallers, Jamie Vardy & Shinji Okazaki zetten in principe slechts in beperkte mate druk op de centrale verdedigers van de tegenstander. Het is meestal wachten tot de bal naar een flankverdediger gaat om dan samen druk te zetten met de flankmiddenvelders: Riyad Mahrez & Marc Albrighton. Zij dwingen de tegenstander tot indribbelen (om dan het duel zelf aan te gaan) of tot een lange bal. Die lange ballen worden centraal meestal makkelijk afgeweerd door het krachtige & kopbalsterke duo Robert Huth & Wes Morgan. Het doel is echter vooral om de tegenstander een korte pass centraal te laten spelen en die bal op het middenveld te veroveren om dan snel uit te breken en Vardy of Mahrez in de diepte te sturen.

Er valt ook een enorme bereidwilligheid, om het blok ten allen tijde klein te houden, op te merken. De flankmiddenvelders kijken op geen meter & sprinten indien nodig 5x na elkaar terug tot de eigen achterlijn om lopende spelers op te vangen. Ook de twee aanvallers zakken diep mee terug wanneer de tegenstander voetbalt op de helft van Leicester. In dat geval kiest 1 van hen meestal positie bij de verdedigende middenvelder het dichtst bij de bal, de overgebleven aanvaller (vaak Vardy) blijft dieper.

Barstjes
Dit alles zorgt ervoor dat de ruimte tussen de linies & ook de ruimte in de rug van de eigen (trage) verdediging beperkt blijft, waardoor tegenstanders vaak hun tanden stukbijten op de stugge organisatie van Leicester. Wanneer het ongeduld bij bezoekers begint te groeien, wrijven de troepen van Ranieri zich in de handen om het extra balverlies dat daaruit voortvloeit genadeloos af te straffen. Motor op het middenveld, zeker in balverlies, is N’Golo Kanté. De kleine, explosieve Fransman anticipeert uitstekend en zet druk waar nodig. Bovendien is hij technisch goed onderlegd. Twee jaar geleden speelde hij nog in de Ligue 2, maar een plaatsje in de selectie van Les Bleues op het EK lijkt dichterbij te komen.

De defensie van The Foxes vertoont af en toe echter ook wat barstjes, vooral in de rug van de flankverdedigers liggen kansen. Wanneer tegenstanders hun back hoog durven laten inschuiven en de flankaanvaller naar binnen laten trekken, durft de flankverdediger van Leicester al eens doordekken. Regelmatig doet die dat in al zijn enthousiasme te vroeg (wanneer de pass nog niet is vertrokken), waardoor beweeglijke aanvallers daarvan gebruik kunnen maken om de bal te vragen in de ruimte in de rug van de backs. De statische Huth & Morgan zijn daarenboven nooit happig om die aanvaller te volgen en blijven dan veelal in het midden om het centrum te beschermen. Ook de buitenspelval zullen ze nooit openzetten, wat dus zeker mogelijkheden opent voor snelle pocketspelers.

De voor het overige knappe organisatie zorgt er vanzelfsprekend voor dat de tegenstander weinig ruimte krijgt en dus steeds in de duels moet voetballen. Dat doen de troepen van Ranieri uitstekend, geen enkele andere Engelse ploeg haalde een hoger % geslaagde tackles en intercepties. En dat brengt ons bij het balbezit…

Geen balbezit nodig
Het verhaal “Leicester in balbezit” is eigenlijk een pak bondiger dan in balverlies. Van een korte, verzorgde opbouw van bij doelman Kasper Schmeichel is bij de minste druk geen sprake meer. Er wordt nooit risico achterin genomen met de weinig technische verdedigers in het achterhoofd. Meteen een lange bal richting Vardy of Okazaki, dat is de eenvoudige richtlijn die Ranieri meegeeft.

Leicester City rekent bovenal op de snelle counter. Balverovering betekent zo snel mogelijk diepspelen, in de rug van de verdedigers, richting de aalvlugge Vardy. Met een topsnelheid van 35.4km/u is hij dit seizoen de snelste speler in de Premier League en bezorgt hij menige defensies een verkoudheid.

Indien de diepe bal op Vardy moeilijk te spelen is, wordt Mahrez gezocht. Meestal komt hij tussen de linies om dan zelf de dieptebal te spelen of de actie op te zetten met de bal aan de voet. Niet toevallig verloopt 40% van alle aanvallen van de ploeg via de rechterkant waar de Algerijnse winger speelt.

Op de counter
Balbezit is geen doel op zich voor L’ster, het heeft gemiddeld slechts 43,3% van de tijd de bal in eigen rangen. Er zijn slechts 2 teams die “slechter” doen in de Premier League, Sunderland (19e) & West Brom (13e). Snel & doelgericht diepspelen, is het credo. Dat het aantal geslaagde passes daardoor miniem is, zelfs het slechtste van de hele Premier League, is bijzaak. “En wanneer de diepe bal niet aankomt, moet de tegenstander toch alweer vele meters overbruggen om aan ons doel te komen!” aldus Ranieri.

Het hoeft dan ook niet te verbazen dat zijn ploeg het meeste goals maakt op de counter. Op spelhervattingen halen The Foxes er voorlopig te weinig uit. Het zette dan wel al het meest penalty’s om (7 stuks) maar op hoekschoppen & vrije trappen is het nog niet dreigend genoeg. Wanneer linksback Christian Fuchs speelt, heeft Leicester wel nog een extra wapen met zijn verre inworp.

De ploeg kent overigens wel problemen wanneer dat het initiatief hen wordt opgedrongen. Over de hele lijn bekeken misschien te weinig creativiteit & aanvallende automatismen zijn daar de oorzaken voor. Na nieuwjaar is de kans dan ook groot dat verschillende ploegen zelf “op z’n Leicesters” gaan spelen in het King Power Stadium. Opnieuw niet toevallig: de ploeg pakte voorlopig al evenveel punten op verplaatsing als in eigen huis.

De verdedigende automatismen blijven wel steeds overeind. Een belangrijke reden is daarvoor de stabiliteit in het elftal van Ranieri, slechts 14 spelers speelden al meer dan 33% van de totale speeltijd. Een gebrek aan kwalitatieve wisselspelers is daardoor wel een potentieel gevaar voor de komende weken, de nederlaag in Liverpool dit weekend is daar misschien al een voorbode van…

Succesformule

  • Sterke verdedigende organisatie & winnaarsmentaliteit
  • Snelle omschakeling in de diepte met snelle Vardy (15 goals, 3 assists) & creatieve Mahrez (13 goals, 7 assists)
  • Stabiliteit in ploeg, bijna steeds dezelfde 11 die starten: Slechts 14 spelers met >570 gespeelde minuten (+33% van de totale speeltijd)

Voor Leicester lijkt een rol als scherprechter in de titelstrijd ideaal. Uiteindelijk een plaats in de top-4, lijkt een realistische prognose met een vermoeiende periode in het verschiet. Een titel, een echte Italian Job, dat zou simpelweg de verrassing en van de eeuw zijn…

Meer buitenlands voetbal…

Voor Belgisch voetbal…