Met Clement terug naar 4-3-3

Ivan Leko moest na een titel en een tweede plaats de fakkel bij Club Brugge doorgeven aan Philippe Clement. Tweede Bal analyseerde de wedstrijden van Blauw-Zwart tegen Sporting Lissabon, Waasland-Beveren, Sint-Truiden, KV Oostende en de dubbele confrontatie in de Champions League-voorronde tegen Dinamo Kiev. Ziehier de krijtlijnen van Club Brugge 2.0.
Leestijd: ongeveer 16 minuten

tactiek

Typeploeg Club Brugge

“We moeten zowel 4-3-3 als 3-5-2 kunnen spelen”, liet Clement optekenen eind juni toen Club de eerste oefenwedstrijden afhaspelde. Naar het einde van de voorbereiding toe lijkt 4-3-3 echter de meest geschikte formatie te worden voor Club Brugge.

Waar Leko vorig jaar zonder echte flankaanvallers speelde – Dennis, Diatta en co. speelden als wingbacks in een 3-5-2, lijkt Clement het belangrijk te vinden dat zijn flankaanvallers opnieuw hun kwaliteiten ten volle kunnen benutten: aanvallen!

Met Percy Tau kwam een kwieke flankaanvaller de kern versterken, terwijl Arnaut Danjuma de club verliet voor de Premier League. Ook Wesley trok naar Engeland, zijn vervanger heet David Okereke. Stefano Denswil verhuisde naar de Serie A, Simon Deli is het nieuwe gezicht in het hart van de Brugse defensie. Met Eduard Sobol, Federico Ricca en Odolion Kossounou vond de Brugse scouting nog 3 nieuwe verdedigers. Doelman Simon Mignolet tot slot groeit straks mogelijk uit tot dé zomertransfer.

Spelprincipes

Waar Ivan Leko toch grotendeels vasthield aan bepaalde patronen en principes, valt het bij Clement op dat er per wedstrijd strategische verschillen waar te nemen zijn.

Los van het gameplan, dat iedere week wisselt afhankelijk van de tegenstander, kunnen we uiteraard ook vaste principes benoemen.

 

1. Hoge pressing met flankaanvallers

Een eerste vaststelling is dat Club Brugge de tegenstander altijd hoog probeert vast te zetten. Iets wat het Brugse publiek ongetwijfeld apprecieert. Clement probeert dit steevast op dezelfde manier bij een doeltrap van de tegenstander, met daarbij een hoofdrol voor de explosieve flankaanvallers.

Wanneer de doelman van de tegenstander de bal heeft, kiest diepe spits Okereke (rugnummer 14) meestal één centrale verdediger waar hij dichterbij gaat staan. Daardoor is de keeper geneigd de bal op zijn andere verdediger te spelen die schijnbaar vrij staat. Van zodra deze pass gegeven wordt, schiet de flankaanvaller van Club uit de startblokken om druk te geven op die centrale verdediger. Hierbij snijdt hij de passlijn naar de vrije flankverdediger af om zo de bal in de as te dwingen.

Een tweede aspect binnen deze pressing is de gewaagde rol van Clinton Mata (77). Wanneer de flankaanvaller dreigt uitgespeeld te worden en een moeilijkere bal is onderweg naar de vrije back gaat Mata vaak agressief doorstappen en laat hij dus in die situatie zijn eigen tegenstander (de flankaanvaller) vrij staan om druk te zetten op de back van de tegenpartij.

Okereke (14) kiest positie bij de rechtercentrale verdediger van Kiev. Tau (35) staat tussen de linkercentrale verdediger en de linksback. De doelman trapt lang naar de back, Mata (77) stapt uit

Club voerde deze pressing al succesvol uit met zowel Tau (35) als Dennis (42). Met Diatta (11) werd dit nog niet vaak geprobeerd gezien zijn afwezigheid door de Afrika Cup deze zomer. Afwachten nog in welke mate dit op beide flanken zal worden gebruikt dus.

Wat wel zeker is dat de agressieve variant met de doordekkende back enkel op de zijde van Mata wordt geprobeerd. Op links met Sobol blijft men iets conservatiever. Meestal wordt de hoge pressing dan ook op de Brugse rechterzijde uitgevoerd.

Ook als in het veldspeler de bal wordt teruggespeeld op de doelman, durft Club deze variant gebruiken.

Terugspeelbal naar de keeper: positie van Vanaken & Okereke zijn wat anders, maar Tau (35) en Mata (77) staan in dezelfde positie

 

Puur statistisch gezien haalt Club Brugge een hoog rendement uit de pressing. Met een gemiddelde PPDA (Passes Allowed per Defensive Action) van 7,17 scoort het na KRC Genk het beste in de Belgische Pro League. De PPDA rangschikt de teams volgens het aantal defensieve acties (tackles, duels, intercepties, overtredingen, etc) van een ploeg en zet dit tegenover het aantal passes dat de tegenstander toch nog kan laten aankomen. Er wordt enkel gekeken naar het ‘hoogste 2/3e van het veld’ waardoor balrecuperatie in een laag blok niet in rekening wordt genomen. Met andere woorden, PPDA beantwoordt de vraag hoe goed een team hoog drukzet.

 

2. Medium pressing met Vanaken

Wanneer de tegenstander de bal al hoger op het veld heeft, maakt Club ook soms gebruik van bovenstaande pressingvariant met een flankaanvaller al gebeurt dit minder frequent.

Rond de middenlijn is het meestal Okereke die als eenzame spits jaagt op de twee centrale verdedigers van de tegenstander. Wanneer hij de bal niet kan onderscheppen maar de bal van centrale verdediger 1 naar centrale verdediger 2 kan afdwingen, krijgt hij steevast de steun van Vanaken (20) uit het middenveld.

In de eerste competitiematchen kwam Club in die situaties dan meestal in een soort 4-4-2 ruit met de andere aanvallende middenvelder, Vormer (26), zijwaarts sprintend naar de nummer 10 positie. Of met Rits (25) die ook doordekt in de as en daardoor wel ruimte prijsgeeft tussen de linies bij een eventuele tweede bal.

Vanaken (20) stapt uit op de centrale verdediger. Niet Vormer (25) neemt een hogere centrale positie, wel Rits (26) dekt door in een volgende fase. Daardoor verliest Club het duel om de 2e bal, na de lange bal van de rechtsback van Waasland-Beveren

Tegen Kiev gebeurde het al iets conservatiever met Vormer vaker in een lagere positie. De nummer 10 positie moest dan ingenomen worden door Okereke of Vanaken, waardoor Club dan tijdelijk in een 4-4-1-1 formatie komt te spelen.

Vanaken (20) heeft net druk gezet op de rechtercentrale verdediger en sprint terug om de defensieve middenvelder op te pikken, terwijl Okereke (14) de andere centrale verdediger onder druk zet. Vormer en Rits blijven lager in positie

De cohesie binnen deze manier van drukzetten is echter nog een groot werkpunt. De onderlinge afstanden worden niet altijd goed bewaakt, het kantelen en de timing van de pressing zijn regelmatig nog onvoldoende op elkaar afgestemd wat tot gevaar leidt. Zo ook in de terugmatch tegen Dinamo Kiev een aantal keer, bijvoorbeeld in minuut 75.

Daar jaagt Vanaken door op de linkercentrale verdediger maar staan Vormer en Rits achter hem niet juist opgesteld tov elkaar. De bal gaat daardoor makkelijk tussen de linies en Kiev creëert zo een reuzekans die de 3-1 en virtuele uitschakeling had kunnen betekenen.

Vanaken geeft deze voorwaartse pressing meestal op de linkerkant, hier was het op rechts wat de verwarring veroorzaakt kan hebben.

Vanaken (20) stapt uit, maar de ruimte tussen Rits (26) en Vormer (25) is te groot. Kiev kan bijna scoren uit deze aanval door de as

Ook tegen Sint-Truiden kende Club Brugge een moeilijke start door de vele positiewissels tussen de verdedigers en middenvelders van de bezoekers. Net als Sporting CP ook een aantal goede momenten kende in het uitspelen van de Brugse press.

De bal altijd veroveren, is uiteraard een utopie maar toch kent de Brugse pressing nog een aantal manco’s die verholpen dienen te worden.

 

3. Opbouw van achteruit wanneer mogelijk

KRC Genk stond vorig jaar gekend om zijn voetballende kwaliteiten en combinatiespel, ook in de talrijke Europese wedstrijden. Het is duidelijk dat Clement dat ook bij Club Brugge wil installeren, echter zonder te veel naïviteit tentoon te spreiden. Toen Alejandro Pozuelo verkocht werd kort voor de start van Play-off 1 koos Clement voor een directere aanpak wat uiteindelijk ook goed uitpakte.

Een eenvoudig principe dat Club toepast, is het creëren van een overtal in de laatste linie wanneer het opbouwt. Als de tegenstander drukzet met 1 spits, moeten de 2 centrale verdedigers van Club Brugge de opbouw verzorgen. Wanneer de tegenstander doordrukt met 2 spitsen, wordt de Brugse defensie ondersteund door Rits die als derde speler in de laatste linie komt te spelen.

Uiteraard verschillen de posities en uitvoering hierbij van het gameplan en van de tegenstander.

Sint-Truiden kwam bijvoorbeeld naar Jan Breydel met hetzelfde plan als vorig seizoen, namelijk mandekking op het middenveld. Bij de Kanaries kreeg diepe spits Balongo de taak om de Brugse opbouw te oriënteren naar Deli (17).

Op het middenveld maakte STVV drie koppeltjes met Rits, Vormer en Vanaken. De Brugse middenvelders liepen echter keer op keer ver uit elkaar zorgden zo voor ruimte in de as voor diepe spits Okereke. STVV trapte er steeds opnieuw in en gaf Deli zeeën aan tijd en ruimte om de inzakkende Okereke in te spelen. Wanneer er dan toch werd doorgedekt op de Nigeriaanse spits liep deze slim diep, waarvan de 2-0 uiteindelijk het perfecte voorbeeld was. Eén simpele diepe pass door de as die de topschutter alleen voor doel zette oog in oog met de Truiense doelman.

De 3 Brugse middenvelders bewegen weg uit de as en nemen hun rechtstreekse tegenstander mee. Deli (17) kan makkelijk indribbelen en met links een splijtende pass spelen in de vrije ruimte om zo Okereke (14) alleen voor de bezoekende doelman te zetten. 2-0.

Tegen Dinamo Kiev kreeg Club echter meer druk te verwerken en verliep de opbouw een pak moeizamer. De hogere belangen zorgden ongetwijfeld ook voor minder zin voor risico waardoor Clement en zijn troepen een directere speelstijl moesten hanteren.

In de heenmatch kozen de Oekraïeners bijvoorbeeld voor een 4-4-2 organisatie. Aangezien het met twee spitsen druk zet, laat Club Brugge Rits terugzakken in de laatste linie tussen de centrale verdedigers.

Omdat beide spitsen niet echt agressief een slachtoffer uitkozen, kon Club in de beginfase vaak via Mitrovic (die op zijn goede rechtervoet staat) opbouwen en tussen de linies spelen. Naar het einde van de eerste helft toe, presste Kiev echter agressiever op Mitrovic en in de tweede helft koos het er bewust voor om Deli de opbouw te laten verzorgen. Wegens de beperkte aanspeelbaarheid in de as, en weinig zin voor risico, trapte Deli vaak de lange bal en vocht Club vooral het gevecht voor de tweede bal uit rond spits Okereke.

In de eerste helft kreeg Mitrovic (15) voldoende tijd om met zijn goede rechter ballen in te spelen op Tau (35) tussen de linies. Nadien richtte Kiev zich meer op Deli

In de terugmatch koos Kiev voor een andere aanpak. Het richtte zich niet meer op Mitrovic maar ging wel uit van een zwakke opbouwende linkerkant bij Club met een focus op Deli en de technisch minderbegaafde Sobol.

Kiev koos voor een pressing met 1 spits en 5 middenvelders daarachter. De spits kreeg steun van de rechterflankaanvaller die op gepaste momenten druk gaf naar binnen toe op centrale verdediger Deli. Het zorgde ervoor dat de Nigeriaan opnieuw op zijn mindere linker kwam en de aanspeelopties beperkt werden. Als Club er toch in sloeg om de vrije Sobol te bereiken, kreeg deze snel druk van de dichtste middenvelder. Ook de rechtsback dekte soms hoog door op Sobol, net zoals Club regelmatig doet met Mata in de hoge pressing. Uit één van deze fases leed blauw-zwart balverlies wat de inleiding was voor de vroege 1-0 van de thuisploeg.

Kiev hanteert een gelijkaardige strategie als Club Brugge en duwt door met de flankaanvaller op Deli (17). Hij moet een lange bal trappen die verloren gaat en de 1-0 inleidt. Als de bal toch bij Sobol komt, zet Kiev agressief druk op de technisch mindere back van blauw-zwart

In eigen competitie krijgen de Bruggelingen deze hoge pressing amper te verduren. Met een PPDA against van 24,19 scoort Club Brugge in de Pro League momenteel het beste. In deze ranking kijken we in welke mate een ploeg hoog wordt opgejaagd op eigen helft wanneer het opbouwt en hoe succesvol dat gebeurt. Met andere woorden: Club krijgt weinig hoge pressing te verduren in de Belgische competitie en verliest de bal daarbij logischerwijs dan ook niet vaak op eigen helft.

 

4. Diepe loopacties in de as

Een vierde principe dat opvalt zijn de vele diepe loopacties in de as van het veld. Spits Okereke toonde zich al erg veelzijdig met zijn snelheid in de diepte, balvastheid en kracht bij het afhaken naar de bal, voetballend vermogen tussen de linies. De Nigeriaanse aanvaller groeit met andere woorden uit tot een groot wapen.

Nog opvallender is echter de diepgang bij Vormer en vooral Vanaken. Wanner de backs lager op het veld in balbezit komen is er bijvoorbeeld een duidelijk patroon zichtbaar.

De flankaanvaller komt langs de flank afhaken om de korte pass te krijgen. Als hij niet gevolgd wordt door de back van de tegenpartij, komt hij vrij te staan en kan hij opendraaien en de aanval verder opzetten. Wanneer er wel wordt doorgeduwd, maakt de aanvallende middenvelder Vormer of Vanaken steevast een loopactie in de rug van de back om daar de bal te ontvangen. Dit zagen we vooral terug in de wedstrijden tegen Sporting CP en Waasland-Beveren.

Back Sobol (2) komt onder druk, Danjuma (47) biedt zich kort aan en neemt z’n tegenstander mee. Vanaken (20) maakt een diepe loopactie en krijgt de bal in de rug van de defensie

Vormer en Vanaken maken vaak ook een diepe loopactie om de bal niet zelf te ontvangen. Wanneer de bal op de andere kant is en ze lopen diep, focust de tegenstander zich automatisch op hen waardoor er ruimte komt op de andere flank. Zo krijgt Club regelmatig de dribbelvaardige Dennis, Diatta of Tau in een 1v1 situatie na een snelle flankwissel.

Bovenstaande zorgt ervoor dat de typische 1-2tjes tussen Vanaken en de wing back (vorig seizoen in de Brugse 3-5-2) minder aanwezig zijn. Toch zien we deze combinatie in bepaalde wedstrijden nog terugkomen al is het dan minder frequent wanneer Vanaken de bal lager op het veld komt opvragen in de linkerhalfspace.

 

5. Deli is target 1 op spelhervattingen

Op spelhervattingen stuurt Clement steevast dezelfde troepen richting het front:

  • Deli (nr 17 – 1.92m)
  • Mechele (nr 44 – 1.88m) of Mitrovic (nr 15 – 1.87m)
  • Okereke (nr 14 – 1.82m)
  • Vanaken (nr 20 – 1.94m)

Zij worden meestal ondersteund door Dennis (42 – 1.74m) in een minder prominente rol, steeds in de tweede zone.

Vanaken, Deli en Mechele/Mitrovic zijn de meest gezochte targets op spelhervattingen bij Club Brugge. Toch valt het op dat Deli het gevaarlijkste heerschap is en hij wordt dan ook iedere wedstrijd gezocht, uiteraard varieert Club hierin.

Net die focus op Deli, geeft extra ruimte aan Vanaken, Mechele/Mitrovic die allen ook voldoende groot zijn om dreiging te brengen met het hoofd.  In principe trapt Vormer iedere corner, zowel indraaiend als uitdraaiend om zo Vanaken voor doel te houden.

In de cruciale terugwedstrijd tegen Kiev trapte Vormer zijn eerste vier corners allemaal in de richting van Deli tussen het penaltypunt en de tweede zone. De eerste was meteen raak, een ferme knik van de Nigeriaan die voor 1-1 zorgde. Tegen KV Oostende kwamen 3 van de 6 corners net niet/wel aan bij Deli.

Opvallend is dat Deli vaak laat arriveert (zoals de eerste corner tegen KV Oostende), van richting verandert net voor Vormer zijn aanloopt neemt of er een ploegmaat net voor Deli positie kiest om de mandekking moeilijker te maken.

Deli (17) arriveert laat in de box. Voor hem zet een ploegmaat een blok om ruimte te maken

 

Los van deze duidelijke principes heeft Clement uiteraard nog een aantal problemen te verhelpen. We kwamen tot de drie belangrijkste: 

1. Omschakeling naar balbezit

Naast een goed defensief blok met de juiste pressing is een efficiënte omschakeling naar balbezit dé ideale manier om teams pijn te doen in de Champions League (voorronde). De snelle counter loopt echter nog te vaak stroef bij Club Brugge. Dit heeft voornamelijk te maken met de individuele kwaliteiten van de spelers. Als de omschakeling niet gelanceerd wordt door Vanaken is er momenteel nog een te kleine kans op succes.

Dit heeft voornamelijk te maken met het gebrek aan overzicht van de flankaanvallers, met Dennis in een hoofdrol. Waar snelheid en de individuele actie zijn sterktes zijn, is het behouden van overzicht binnen deze situaties net zijn grote zwakte. Vooral in de omschakeling werd dit al een aantal keer pijnlijk duidelijk waardoor Club wenkende kansen onbenut liet.

Tau lijkt meer oog te hebben voor zijn ploegmaats wat de Brugse counterkwaliteit verhoogt. Diatta zou dit ook moeten kunnen maar verkwanselde met een slechte pass een 2v1 situatie in de slotfase in Kiev. Met een portie geluk kon Club in diezelfde fase toch nog de 3-3 scoren. Eerder in de match zorgde Diatta met een versnelling bal aan de voet wel voor een tweede gele kaart van een Oekraïense verdediger.

 

2. Ruimte op middenveld verdedigen

Het grootste werkpunt op korte termijn lijkt het verder ontwikkelen van het defensieve blok. We gaven eerder al aan dat de Brugse pressing nog niet altijd even goed werkt, vooral op het middenveld is dat zichtbaar. Zeker de ruimtes die Rits moet belopen zijn vaak te groot. Vormer sprak al uit dat hij meer vrijheid krijgt van Clement maar dit lijkt consequenties te hebben in balverlies. Vooral in de rug van de aanvallende middenvelders Vormer en Vanaken ligt vaak veel ruimte voor de tegenstander.

Vooral wanneer de tegenstander erin slaagt één van beiden uit positie te halen om dan snel de ruimte tussen de linies te benutten, leidt dit geregeld tot gevaar. Ook de teruggetrokken voorzet rond de 16m zorgt voor gevaar aangezien Vormer en Vanaken dan vaak niet tijdig terug zijn om te verdedigen.

Teruggetrokken voorzet van Kiev. Vormer is niet op tijd terug om deze te verdedigen, Verbic mag aannemen rond de box

 

3. Verdedigen korte hoekschop

Een laatste opvallende keuze van Clement is die van de defensieve organisatie van een hoekschop. Wanneer de tegenstander een corner krijgt op rechts en er 1 speler de bal kort vraagt, loopt Club meteen mee met 2 spelers om dit te verhinderen. Meestal zijn dit Dennis (42) en Rits (26). Vormer (25) neemt dan meestal de taak van Rits over aan de eerste paal.

Rits (26) en Dennis (42) verhinderen de korte hoekschop en staan al met 2 spelers klaar om druk te zetten. Hier neemt Vormer (25) de eerste paal niet over van Rits

Wanneer de tegenstander een hoekschop krijgt op links, pakt Club het anders aan. Dan staat Dennis alleen tegen 2 tegenstanders en komt Vormer pas helpen wanneer de bal effectief kort wordt ingespeeld. De Nederlander sprint dan snel om Dennis te hulp te schieten maar de tegenstanders kunnen dan vaak vrij eenvoudig tot een voorzet komen. Ook opvallend is dat Rits, in die situatie aan de 2e paal, dan sprint om een nieuwe positie in te nemen aan de 1e paal.

Op de andere kant wordt de korte hoekschop nooit verhinderd. Hier staat enkel Tau (35) klaar in een 1v2 situatie met de tegenstander. Normaal is dit de rol van de toen al gewisselde (42) Dennis. Vormer (25) komt uitgesprint vanaf de eerste paal maar komt te laat. Rits (26) moet halsoverkop naar de eerste paal lopen

Het feit dat we dit opmerkten in alle wedstrijden van Club toont aan dat dit hier om een bewuste keuze gaat en dus niet op toeval berust. We kennen alvast een aantal coaches die van deze organisatie gretig gebruik zullen proberen maken de komende weken.

 

Conclusie

Het mag duidelijk zijn dat Club Brugge nu al de stempel van haar nieuwe coach Clement draagt. Het nieuwe spelsysteem wordt in balbezit vaak goed uitgevoerd met voldoende doelkansen tot gevolg. Er zijn echter nog kinderziektes zoals hierboven beschreven. Puur kwalitatief lijkt Club met dit team én de individuele kwaliteit van de (nieuwe) spelers topfavoriet voor het kampioenschap. Als het wil meespelen in de Champions League zijn er echter nog werkpunten die snel verholpen zullen moeten worden.

 

Meer Belgisch voetbal…

Buitenlands voetbal

Brazilië – Peru (3-1): Gabriel Jesus centrale figuur

Peru versloeg Uruguay & Chili op weg naar de finale van de Copa America, de Brazilianen namen afstand van Paraguay & Argentinië met de nodige controverse. Ook in de poulefase gaven Brazilië en Peru elkaar partij, toen werd het 5-0 voor de Brazilianen. Nu bleek al snel dat het verrassende Peru er deze keer een spannendere partij van zou maken. Een analyse!

tactiek Brazilië Peru

Basisploeg van Brazilië en Peru

Geen Neymar dit tornooi bij de Brazilianen, al was er nog steeds kwaliteit voldoende aanwezig. De basisploeg in een 4-3-3 met Alisson, Dani Alves, Tiago Silva, Marquinhos, Casemiro, Arthur, Coutinho, Firmino en Gabriel Jesus spreekt voor zich. De minder bekende Everton (Gremio) speelde als winger een sterk tornooi; op de linksback viel titularis Filipe Luis geblesseerd uit maar hij werd kwalitatief vervangen door Alex Sandro van Juventus.

Bij de Peruvianen iets minder bekend volk, ook zij kozen voor een 4-3-3 formatie met volgende starters: Gallese (Veracruz), Advincula (Tigres), Zambrano (Basel), Abram (Vélez Sarsfield), Trauco (Flamengo), Tapia (Feyenoord), Yotun (Cruz Azul), Flores (Morelia), Cueva (Santos), Carrillo (Benfica). Guerrero (Internacional) fungeert op zijn 35 jaar als topschutter aller tijden in Peru nog steeds als diepe spits. Jefferson Farfan was er door blessure niet bij.

Tweede bal rond Guerrero
Peru startte stevig. In balbezit koos het voor een soort valse rechterflank waarbij Flores constant in de as speelde in de buurt van target man Guerrero. Rechtsback Advincula ving het gebrek aan breedte af en toe op door hoger te gaan spelen op de zijkant wanneer Peru aan het combineren ging. La Blanquirroja kozen echter vooral voor een directe aanpak.

Daarbij stonden eenvoudigweg twee zaken centraal:

  • In de eerste plaats ging Peru erg compact staan. De defensie schoof hoog op, op rechts kwam Flores dicht aanleunen bij Guerrero en zijn omgeving werd overbevolkt waar mogelijk, met het middenveld dicht bij hem
  • Nadien werd de lange bal gespeeld richting Guerrero die de bal trachtte door te koppen op lopende spelers. Wanneer dit niet lukte moesten zijn ploegmaats rond hem de tweede bal winnen. Guerrero wint echter 7 van zijn 12 luchtduels
lange bal

Lange bal van achteruit door Peru dat erg compact staat. Flankaanvallers en Cueva (op 10) bewegen rond Guerrero voor de tweede bal. Defensie en verdedigende middenvelders staan ook klaar voor de omschakeling

Veel direct doelgevaar leverde dit dan weer niet op. Toch zorgde het voor een bepaalde vorm van controle: Brazilië had het moeilijk om tot rustig, progressief balbezit te komen zonder veel druk vanwege de vele hoge ballen. Bovendien lokte de ervaren Guerrero zo ook 4 overtredingen uit waardoor zijn team op spelhervattingen ballen in de zestienmeter van de Brazilianen kon droppen. Uit die fases creëerden de Peruvianen echter te weinig gevaar.

In balverlies positioneerden de Brazilianen zich in een 4-1-4-1 formatie met een doorschuivende Arthur naast Coutinho als aanvallende middenvelder en Jesus op de rechterkant. De Seleçao kozen niet voor hoge pressing, de centrale verdedigers van Peru kregen de nodige tijd aan de bal. Vaak werd er, zoals eerder meegegeven, voor de snelle lange bal richting Guerrero gekozen. Dit verklaart waarom Brazilië de bal meer dan de helft van de keren laag veroverde, dicht bij het eigen doel (42/73 recuperaties). Toch probeerde Peru ook af en toe de favoriet uit te spelen tussen de linies.

Dit gebeurde vooral met de uitzakkende centrale middenvelder Yotun op links. Hij liet zich inzakken naast de centrale verdedigers en lokte de pressing van Arthur uit waardoor ruimte ontstond tussen de linies. Peru trachtte die te benutten met Carrillo tussen de linies maar de snelheid van uitvoering en technische zuiverheid van de middenvelders en verdedigers in kwestie bleek toch vaak te laag om een efficiënte aanval toe te laten.

Middenvelder Yotun (19-wit) zakt uit & lokt Arthur (8-geel) naar zich om te pressen. Er ontstaat ruimte tussen de linies die Peru benut via de back Trauco (6), maar Carrillo verliest de bal door een technische fout tussen de linies


Aanvallen met slechts 4 spelers

Brazilië daarentegen probeerde aan de bal wel de nodige rust te voorzien. Het koos niet te snel voor diepe, voorwaartse ballen maar probeerde Peru uit hun tent te lokken. De bewuste keuze om bijna voortdurend de vier verdedigers laag te houden, gesteund door Arthur en Casemiro net voor hen zorgde ervoor dat Brazilië weinig mensen had voor de bal. Een groot nadeel natuurlijk, al heeft het ook zijn voordeel. Namelijk dat Peru met veel mensen echt druk moest zetten en uit positie moest lopen om een effectieve kans te maken op balverovering tegen die zes Brazilianen.

Peru positioneerde zich in balverlies in een 4-2-3-1 formatie waarbij Guerrero trachtte om de centrale verdedigers van Brazilië te splitten om ze richting flank te duwen. Dit lukte echter amper. Meestal gaf Guerrero pressing op Tiago Silva die er toch kon uitkomen via Marquinhos, van daaruit ging de aanvallende middenvelder Cueva vooruit verdedigen op de centrale verdediger. Beide middenvelders van Peru kozen in die situatie ook vaak om allebei door te drukken richting Casemiro en Arthur. Dit zorgde uiteraard voor heel wat ruimte tussen de linies maar die werd amper benut door de Brazilianen en Coutinho in het bijzonder. Door de beperkte aanwezigheid tussen de linies was het moeilijk kansen te creëren vanuit de combinatie voor de thuisploeg. Veel passes recht op recht van de back naar de flankaanvaller waren het gevolg. Logisch dan ook dat Peru meer hoge balrecuperaties had op de helft van de tegenstrever dan de Brazilianen, 31 tegenover 21.

teamstructuur

Matige aanvallende bezetting bij de Brazilianen. Vier verdedigers blijven achter de bal en spelen achterin rond met Casemiro & Arthur kort voor hen. Peru moet risico’s nemen wil het hoog druk zetten

Tegelijk bleek al snel dat beide Braziliaanse flankaanvallers beter waren dan hun rechtstreekse tegenstander. Gabriel Jesus is 1v1 kwalitatiever dan Trauco, aan de overzijde hetzelfde verhaal met Everton tegen Advincula. En zo geschiedde, op het kwartier Jesus met een slimme, diepe loopactie. De bal komt bijna recht op recht diep op Jesus die het in 1v1 situatie haalt van Trauco en de bal voor doel brengt. Advincula heeft geen oog voor zijn tegenstander Everton die in zijn rug de 1-0 knap binnentrapt. Uiteindelijk wonnen zowel Jesus als Everton 3 van hun 4 aanvallende 1v1 situaties tegen hun rechtstreekse tegenstander, voldoende om tot een aantal kansen te komen.

Kort voor rust krijgt Peru uit het niks een strafschop toegekend na een knappe infiltratie van Cueva die leidt tot een handsbal, 1-1. Binnen de drie minuten staat het echter opnieuw in het krijt. Firmino met een sterk staaltje gegenpressing, na balverlies verovert hij de bal opnieuw en speelt de bal slim op Jesus die centraal dieploopt, 2-1.

 

Jesus & Coutinho in de as
In de tweede helft veranderde het spelbeeld niet zo erg. Het grootste verschil was dat Brazilië beter de ruimte tussen de linies benutte en Coutinho vaker aan de bal kreeg. De middenvelder kon vanuit de linkerhalfspace dan ook verschillende keren gevaarlijk versnellen, de laatste pass of afwerking bleek echter niet precies genoeg.

Weinig onderlinge dekking op het middenveld bij Peru (wit), Coutinho (geel) kan gebruikmaken van de ruimte tussen de linies en verschillende keren oprukken naar het doel met de bal aan de voet.

Wanneer Coutinho niet kon bereikt worden, was het vaak de afhakende Firmino die zich goed aanspeelbaar maakte tussen de lijnen. Van zodra de Peruviaanse defensie doordekte, zorgde Jesus met een centrale loopactie voor dreiging net zoals bij het tweede doelpunt.

diepe loopactie

Firmino (geel) laat zich uitzakken tussen de linies en combineert met Coutinho. Jesus (blauw) profiteert van de ruimte en duikt diep in de as vanop de rechterflank, net zoals bij het 1e doelpunt

Hierdoor was Brazilië een stuk dominanter en creëerde het meer kansen dan in de openingsfase van de match.

Een tweede gele kaart voor Jesus zorgde voor een nieuw spelbeeld, Peru ging opnieuw volop geloven in z’n kansen. Beide backs gingen veel hoger spelen en Brazilië moest noodgedwongen achteruit. Bondscoach Tite koos voor een 4-4-1 en wisselde eerst Firmino, nadien ging ook Coutinho naar de kant. Alles op het vasthouden van de krappe zege dus met Militao als nieuwe rechtsback, Dani Alves als rechtsmidden en Richarlison als diepe spits.

Met tal van wissels, het nodige tijdrekken en theater bij kleine overtredingen haalden de Brazilianen het tempo grotendeels uit de partij waardoor de klok genadeloos wegtikte. Tot echt grote kansen kwam Peru dan ook niet meer, ondanks dat het nog extra aanvallende mensen in de strijd gooide. Meer nog, een nieuwe individuele actie van een winger (Everton) zorgde voor de bevrijding toen die neerging en de scheidsrechter naar de stip wees. 3-1. Vijf jaar na de beschamende WK-uitschakeling tegen Duitsland pakt Brazilië opnieuw een beker op eigen bodem.

België – Brazilië (2-1): geschiedenis vanuit 3/4-mansdefensie

Eerder deze week schreven we nog een uitgebreid artikel met onze ‘tactische wensen’ voor de clash met Brazilië. Uiteraard is Lange Bal verheugd dat bondscoach Martinez de mogelijke problemen ook voorzag. We behielden de automatismen vanuit de 3-mansdefensie in balbezit, maar koppelden er een 4-mansdefensie aan in balverlies. Met Chadli als kameleon.

4-3-3 3-5-2

Opstellingen België & Brazilië

Zoals verwacht verdwenen Carrasco en Mertens uit de ploeg ten koste van Chadli en Fellaini na die hun sterke invalbeurt tegen Japan. Vertonghen bleef in de ploeg.

De flanken beter verdedigen, meer druk op de bal in het centrum, De Bruyne hoger op het veld en heel scherp counteren. Dat gaven we een aantal dagen geleden aan als belangrijkste werkpunten. Martinez had het ook allemaal gezien. Grote delen uit ons plan A en plan B werden gebruikt en eigenlijk samengesmeed tot plan C. Een analyse.

De Rode Duivels werken al twee jaar vanuit een 3-mansdefensie in balbezit en die werd dan ook behouden. In balverlies bouwde Martinez echter meer zekerheid in, hij koos voor een 4-mansdefensie in een soort 4-3-1-2.

 

In balbezit vormden Alderweireld, Kompany en Vertonghen de driemansdefensie met Chadli op de linkervleugel en Meunier op de rechterzijde. Witsel bleef voor de defensie, met Fellaini naast hem in een iets aanvallendere rol. Lukaku, Hazard en De Bruyne speelden hoger op het veld met meer vrijheid in een soort 3-5-2 maar hoe langer het team de bal in de ploeg had, hoe dichter het spel evolueerde naar de 3-4-3 zoals we ze kennen.

opbouw

Bij langdurig balbezit: 3-4-3 met Chadli en Meunier op de buitenkant (oranje) en Hazard en KDB (rood) dichtbij Lukaku

 

Uiteraard was daar ruimte voor variatie. Vooral De Bruyne had een redelijke vrije rol. Zo zwierf hij af en toe uit naar de linkerflank voor een positiewissel met Chadli. Maar hij liet zich soms ook uitzakken om van daaruit de dieptepass te versturen. Het uitzakken van KDB en de diepe loopactie van Fellaini had mits een zuivere uitvoering mogelijks al een vroegere 0-1 kunnen zijn.

dieptepass

KDB komt laag, Fellaini infiltreert en krijgt de bal mee

 

Wel hoge pressing

In balverlies schakelden de Duivels om naar een soort 4-3-1-2. Daarbij zakte Meunier een rijtje terug waarbij hij een ‘echte’ rechtsback werd, terwijl Vertonghen de linksbackpositie voor zijn rekening nam; Kompany & Alderweireld verdedigden het centrum. Chadli had de meest avontuurlijke invulling, hij werd van flankmiddenvelder omgetoverd tot centrale middenvelder in balverlies en nam plaats naast Witsel en Fellaini als buffer voor de defensie. Hazard en Lukaku werden de twee spitsen, met meestal Hazard op links en Lukaku op rechts. De Bruyne speelde tussen hen in als nummer 10. De inbreng van Chadli en Fellaini naast Witsel zorgde uiteraard voor de benodigde extra portie agressiviteit in het centrum.

ruit

Chadli in balverlies als centrale middenvelder, KDB als aanvallende middenvelder in een soort 4-3-1-2 

 

In tegenstelling tot de voorbije wedstrijden, probeerden de Duivels wél om hoog druk te zetten wanneer mogelijk. In die situaties schoof De Bruyne iets hoger op en werd hij tijdelijk de spits. Als Brazilië toch slaagde in een progressieve opbouw, zakte KDB opnieuw lager in op zijn oorspronkelijke 10-positie. Geen wonder dus dat hij de meeste afstand aflegde van alle Belgen.

pressing

Bij de pressing stapt KDB uit en wordt hij even de spits, Hazard en Lukaku staan breder

In die hoge pressing was het vanzelfsprekend de bedoeling de bal naar buiten te laten spelen. Zoals in onze voorbeschouwing ook al aangegeven, speelt Brazilië erg vaak de bal in van een lage back naar een flankaanvaller die in de bal komt. Vanwege de opstelling van de Belgen werd deze optie extra aantrekkelijk gemaakt en daar trapten de Seleçao ook vaak in, vooral in de eerste helft. De bal werd verschillende keren van Fagner, die dan onder druk werd gezet door Hazard, ingespeeld op de afhakende Willian die kort gedekt werd door Vertonghen. Het zorgde voor weinig dreigend combinatiespel bij de Brazilianen in de openingsfase.

pressing

België oriënteert de opbouw van Brazilië naar buiten waardoor ze opnieuw de voorspelbare ballen recht op recht langs de zijlijn spelen

 

Belgische counters

Toch kwamen de Goddelijke Kanaries aan een aantal kansen, onder meer op hoekschop, en had België een goede Courtois én het nodige geluk nodig om aan de openingstreffer te ontsnappen. Niet veel later zorgde een hoekschop aan de overkant voor een verlossende 0-1. Het counterspelletje kon nu echt beginnen. En dat deden de Belgen dan ook subliem, zeker in de eerste helft. Brazilië bleef steevast met drie mensen achterin en één speler daarvoor om de Belgische counters te proberen inperken.

Echter, het slimme vrijlopen van KDB zorgde voor problemen bij Brazilië. In onderstaand voorbeeld zijn beide backs hoger opgeschoven en moet Fernandinho dus achteraan bijspringen. KDB staat helemaal vrij om de counteraanval in te leiden die uiteindelijk strandt bij een dribbel van Lukaku.

counter

KDB helemaal vrij om de omschakeling in te leiden

Het tweede doelpunt, na een hoekschop van de Brazilianen, is opnieuw een uitstekend voorbeeld van een goed uitgespeelde counteraanval. Lukaku, balvast en versnellend, speelt op het juiste moment KDB in die afwerkt. Het lijdt geen twijfel dat Casemiro de Belgische spits niet zo makkelijk had laten passeren als Fernandinho maar dat maakt onze rekening uiteraard niet.

Al snel werd duidelijk dat de Brazilianen maar één optie hadden tegen deze strategie van de Rode Duivels. Snelle flankwissels om Willian & Neymar in 1v1 situaties te krijgen met de Belgische backs en tegelijk veel lopende spelers in het centrum. Het gevaar dat de Brazilianen creëerden viel bijna allemaal te noteren na een versnelling op de buitenkant met een voorzet tot gevolg. Op links vooral dankzij overlappingen van Marcelo bij Neymar. Op rechts vooral dankzij individuele acties van Willian. Door het 4-3-1-2 systeem in balverlies was het centrum van de Belgen nu echter wel voldoende bezet, ook de zone rond de zestienmeter. Brazilië werd echter dreigender…

 

Wissels

Aan de rust gooide Tite zijn spits Firmino in de strijd, Willian moest naar de kant, Jesus naar de buitenkant. Bizarre beslissing die al snel werd bijgestuurd door Douglas Costa in de plaats van Jesus te brengen. Costa tegen Vertonghen: al snel werd duidelijk dat daar de slag kon verloren worden van zodra Chadli aan het eind van zijn Latijn zou zitten. Voor het overige veranderde er niet veel: Neymar speelde wel vaker aan de binnenkant, soms als tweede spits, waardoor er meer ruimte kwam voor Marcelo. Fagner bleef steeds achterin. Brazilië schakelde zo om naar iets wat tussen een 3-5-2 en 4-3-3 in lag.

Belangrijkste ‘wijziging’ echter was het feit dat Miranda zo goed als ieder rechtstreeks duel won met Lukaku in de omschakeling. Daardoor werden de Belgische counters sneller geneutraliseerd en werd Brazilië veel dominanter na de pauze.

Door het balbezit van de Brazilianen en de flankwissels werd Costa vaker in 1v1 situaties gebracht tegen Vertonghen. Aangezien Chadli’s krachten uitgeput waren, kon hij niet altijd de nodige steun meer verlenen aan zijn ploegmaat waardoor die erg kwetsbaar werd. Het enige voordeel was nog dat Costa, linkervoet, vaak naar binnen dribbelde en daardoor toch nog tegen een middenvelder aanliep. Een Willian in vorm, rechtervoet, had het Belgische feestje daar zeker kunnen verknallen. Dembele voor Chadli had een snelle en logische wissel geweest, een omzetting naar 4-4-1-1 met dubbele flanken een andere mogelijkheid.

De aansluitingstreffer was dan ook geen verrassing. Zoals reeds meegegeven: gevaarlijke buitenspelers enerzijds en veel lopende spelers in het centrum anderzijds konden de Duivels pijn doen en zo geschiedde. Vertonghen probeerde vaak te anticiperen op de breedstaande Costa om die niet te veel op snelheid laten komen, maar dat betekent uiteraard consequenties in het centrum. Renato Augusto kan vrij inlopen tussen Vertonghen, de vermoeide Chadli en Kompany om binnen te koppen.

rugdekking

België speelde met vuur en rond de 80e minuut greep de bondscoach dan toch in. Geen dubbele flank, maar wel extra dekking achterin. Vermaelen erin en een switch naar een soort 5-3-1-1 met Hazard achter diepe spits Lukaku en KDB mee op het middenveld. Niet veel later bracht Martinez verrassend genoeg nog Tielemans als extra middenvelder en niet de balvaste recuperator Dembele. Het werd iets tussen hangen en wurgen in. Tielemans werd in het slot nog te makkelijk voorbijgedribbeld door Costa maar het daaropvolgende schot werd gelukkig uitstekend gepareerd door Courtois. De Belgen konden tevens rekenen op een sublieme Hazard om de wedstrijd dood te maken in de slotfase.

Martinez had vooraf een uitstekend plan uitgedokterd: 3-mansdefensie in balbezit & 4-mansdefensie in balverlies. De spelers voerden de taken heel goed uit maar de balvastheid voorin verdween waardoor de Belgen net voor/na rust ferm onder druk kwamen. Sneller ingrijpen had gekund maar uiteraard alle credits naar de spelers en staff voor deze prima prestatie. Puur op basis van de kansen verdiende Brazilië uiteraard meer (xG Brazilië 2,45 vs xG België 0,45, lees hier alles over xG) maar een beetje geluk is altijd nodig om te stunten. Zelfs met het best uitgedokterde plan geef je tegen een topteam als de Brazilianen namelijk nog wat kansen weg.

Schitterende prestatie van de Belgen, dinsdag wacht Frankrijk dat misschien de meest klinische ploeg is op dit WK. Go Belgium!

Meer WK-analyses!

België-Brazilië: moment van de waarheid

De Gouden Generatie staat voor haar Grote Examen. De ‘eigen keuze’ voor de moeilijke tabelhelft waarbij een kwartfinale tegen Brazilië onvermijdelijk was, werd gemaakt. Dé ontmoeting dus met misschien wel de grote WK-favoriet (samen met Frankrijk). België cruisete door het tornooi maar treft nu voor het eerst in het tornooi minstens z’n evenknie. Het moment om geschiedenis te schrijven?! Een voorbeschouwing.

Lange Bal zag tot dusver 44 van de 56 gespeelde WK-matchen. Zoals altijd zijn er verschillende trends weer te geven: de impact van de VAR, het belang van de spelhervattingen (bijna de helft van de WK-goals), het grote aantal goals vanuit een omschakeling, het feit dat slechts weinig teams nog kiezen voor een achterhoede met 3 verdedigers, etc.

Een ‘kwalijke’ trend was ongetwijfeld de behouden aanpak van een aantal (top)landen. Het gebrek aan trainingstijd bij een nationaal elftal weegt vaak niet op tegen het samenbrengen van ’s lands grootste talenten. Het zorgt ervoor dat de bondscoach logischerwijs zijn team vooral verdedigend op orde probeert te krijgen om dan veelal te focussen op de omschakeling en het individuele talent dat het verschil voorin moet maken.

Dé grote uitzondering hierop vormen ongetwijfeld onze Rode Duivels. Wél met z’n drieën achterin, wél vanuit een duidelijk aanvalsplan met structuur, met veel lef en branie. Eén van de weinige landen die vol op de aanval durft te spelen, niet toevallig het team dat mogelijks het meeste steun krijgt van de neutrale voetballiefhebber. Met een aanvallende xG van 10,49 creëerden onze Rode Duivels tijdens dit WK aanvallend ook het meeste kwalitatief hoogstaande kansen van alle teams. (Lees hier meer over Expected Goals Data)

Met een aanvallende xG van 7,71 staat Brazilië dan weer op de tweede plaats in die ranking, doch Brazilië lijkt duidelijk afhankelijker van de individuele kwaliteit dan van ruimtecreatie, het benutten van die ruimte en duidelijke patronen.

Hoe dan precies? België gaat al twee jaar uit van een aanvallend 3-4-3 systeem met duidelijke patronen en veel drang naar voor. Opvallend daarbij is dat het via de positie van de spelers uiteraard constant tegenstanders aan het twijfelen wil brengen. Veel spelers tussen de linies of die voor diepte zorgen (rood omcirkeld = gevaarlijkste spelers), spelers hoog naast het blok van de tegenstanders (oranje), ploegmaats in het blok van de tegenstander (geel) maar relatief laag en dus niet zo gevaarlijk en tot slot spelers laag buiten het blok van de tegenstander (groen: lees in eerste instantie ongevaarlijk).

positionele structuur

 

Opvallend bij de Belgen dat het steeds probeert 5 gevaarlijke spelers te hebben (rood of oranje). Enkel tegen Japan liet het zich in de eerste fase van de opbouw misschien te veel verleiden tot ‘veilig/ongevaarlijk balbezit’ door het (onnodig?) uitzakken van Witsel in de opbouwfase waardoor het één speler te weinig had in de ‘gele zone’. Toch houdt het steeds 2 oranje en 3 rode spelers in gevaarlijke posities.positionele structuur

 

 

Los van (het blok van) de tegenstander is Brazilië hier gedurende het tornooi over het algemeen een stuk voorzichtiger in. Het gaat altijd uit van een 4-3-3 formatie maar onderstaande situatie is bijvoorbeeld geen uitzondering: 5 spelers in de laatste veilige lijn buiten het blok van de tegenstander komt geregeld voor. Het zorgt ervoor dat de twee flankaanvallers het veld breed houden (oranje) en er dus maar 1 echte gevaarlijke (rode speler) is die uiteraard makkelijk te verdedigen valt.

opbouw Brazilië

 

Een ander euvel binnen het aanvalsplan van Brazilië hangt daar nauw bij samen: de backs (vooral Fagner & Filipe Luis) zijn relatief beperkt in hun aanvalsdrift waardoor de wingers het veld breed houden en er dus weinig aanspeelopties komen in de ‘red zone’. Daardoor worden Neymar en Willian vaak aangespeeld in slechte omstandigheden: namelijk recht op recht langs de lijn terwijl ze kort gedekt worden. Zonder twijfel een belangrijke reden waarom Neymar steeds in het duel terecht komt en dus ook zo veel schoppen krijgt dit WK. Een matige positionele invulling van het elftal die je bij België maar nauwelijks zal zien, qua aanvallende structuur en visie doet dit WK niemand beter dan onze Belgen. Desondanks zijn de versnellingen van de Brazilianen vaak verschroeiend en zijn Willian, Neymar en Coutinho allen in staat de match met één verrassende flits in een beslissende plooi te leggen.

recht op recht inspelen

 

Verdedigend houden België en Brazilië elkaar ook relatief in balans, in defensief opzicht heeft België een xG van 3, Brazilië doet iets beter met slechts 2,33 (en trof waarschijnlijk ook al betere tegenstanders). Primus van de klas hier zijn Frankrijk en Uruguay die elkaar ook vrijdag treffen, kneusjes zijn Rusland en Kroatië die elkaar zaterdag ontmoeten. Los van de xG leeft toch het gevoel dat Brazilië defensief een stuk stabieler is dan onze Belgen met voorlopig slechts 1 geslikt doelpunt tegen Zwitserland en clean sheets tegen Mexico, Servië en Costa Rica. België kon enkel de 0 houden tegen Panama en een geplaatst Engeland, het slikte er 4 tegen Japan en Tunesië. Het feit dat Brazilië in principe meer mensen achter de bal houdt in balbezit, speelt hier uiteraard een rol in. Drie maand geleden schreven we hier overigens al over de toegenomen defensieve stabiliteit bij Brazilië!

Ondanks de 5-mansdefensie, want daarnaar evolueert de 3-4-3 uiteraard in langere periodes zonder balbezit, heeft België twee grote euvels in balverlies. Een echte structuur om bepaalde periodes van de match gericht hoog te pressen ontbreekt ook nog maar dat kunnen we de bondscoach gezien de beperkte trainingstijd uiteraard niet verwijten, op een WK voetbal zijn er amper teams die dat facet beheersen.

1-  1v2 op de flanken

In balverlies wordt de 3-4-3 in principe regelmatig omgetoverd tot een 5-4-1. Echter Hazard en Mertens, die veelvuldig de rol vertolken als inside winger, vullen de defensieve taken niet altijd even goed in. Hieronder zie je een voorbeeld binnen de 5-4-1 waar het relatief blok goed gevormd is. Eens de bal naar buiten gaat naar de backs van de tegenstander is er echter geen of weinig druk op de bal.

Regelmatig zie je dan ook dat de Belgen gedurfd gaan gokken op de omschakeling waarbij het team in twee blokken lijkt uiteen te vallen, in een 5-2 achter de bal en 3 jongens voor de bal (Mertens, Hazard en Lukaku). Uiteraard dé reden waarom we zo gevaarlijk zijn in de omschakeling: vaak kwalitatieve spelers al in een hoge positie op het moment dat we de bal veroveren. Geen enkel ander land doet dit echter en zo zwaar gokken tegen de Brazilianen is waarschijnlijk geen goed idee. Marcelo, indien fit, laten oprukken op de linkerflank en met Neymar op Meunier laten afstormen is mogelijks zelfs suïcidaal te noemen. Japan probeerde dit tegen de Belgen al constant uit te spelen met de oprukkende Nagatomo en Inui tegen Meunier, wat meermaals tot gevaar leidde.

2” voor het 2e tegendoelpunt tegen de Jappaners zie je deze 5-2-3 formatie duidelijk terug: Mertens, Hazard en Lukaku blijven voorin hangen: het team in 2 blokken verdeeld

 

 

 

2-  Gebrek aan dekking/agressiviteit centraal voor de defensie

Een tweede grote probleem is het gevolg van die ondertalsituaties op de flank. Maar al te vaak moet De Bruyne maar vooral Witsel dit ondertal gaan oplossen op de buitenkant waardoor er centraal erg veel ruimte komt voor de tegenstander om in te voetballen. Wanneer er dan toch eens twee mensen voor de defensie spelen, missen deze regelmatig de nodige agressiviteit en onverzettelijkheid. Het tweede doelpunt (zie foto hierboven) van Japan waarbij De Bruyne slentert om Witsel te helpen is de perfecte illustratie daarvan.

Ook de bezetting van de eigen 16m bij flankvoorzetten wordt regelmatig verwaarloosd. Vaak probeert Meunier of Carrasco de voorzet af te blokken, soms met de steun van Witsel of een centrale verdediger. Ook dan durft De Bruyne zijn defensieve taken wel eens te verwaarlozen waardoor een bal van 45° achteruit richting 16m levensgevaarlijk kan zijn. Neymar, Coutinho en Willian lijken ons nu ook niet echt de spelers om daar vrij te laten trappen…

Witsel moet de 1v2 aan de buitenkant corrigeren om flankvoorzet eruit te halen, De Bruyne nergens te bespeuren. Centrale zone (rood) volledig vrij voor een bal achteruit naar inlopende tegenstanders 

 

Als Roberto Martinez er in slaagt om bovenstaande twee defensieve problemen nog te verhelpen in de laatste dagen maakt België zeker een goede kans om vrijdag een stunt te realiseren. Echter, het moet gezegd dat deze problemen al langere tijd zichtbaar zijn binnen het elftal van de Rode Duivels en dat zal zeker niet aan het oog van Brazilië ontsnapt zijn. De offensieve slagkracht en het gevaar in de omschakeling behouden en tegelijk de defensieve problemen verhelpen, is ook niet evident. Het één heeft uiteraard altijd effect op het ander.

Om zoals vele analisten niet enkel met een beschuldigend vingertje te wijzen of in algemeenheden te praten, koppelen we er meteen twee mogelijkheden aan voor onze Duivels. Het ene al dichter bij het huidige plan dan het andere.

 

Plan A

In ons eerste plan kiezen we in balbezit voor de huidige aanvalspatronen van onze Rode Duivels vanuit 3-4-3. Met het motto: wat goed is, moet behouden worden! Echter in balverlies, kiezen we voor een asymmetrische 4-3-3 zoals KAA Gent het destijds deed onder Hein Vanhaezebrouck: namelijk in balverlies meteen omschakelen naar een 4-mansdefensie mét een dubbele flankbezetting. Daarbij wordt Meunier de rechtsachter en geeft hij in de defensie steun aan Vermaelen, Alderweireld en Kompany. Chadli of Carrasco blijft dan iets hoger speler als linkermiddenvelder, terwijl De Bruyne rechtermiddenvelder wordt. Centraal voor de defensie kiezen we sowieso voor Witsel én Fellaini. Lukaku en Hazard kunnen dan hoger op het veld van meer vrijheid genieten en de Belgische counters inleiden.

omschakeling opbouw

Balbezit België 3-4-3

Balverlies België: 4-3-3 -> 4-4-1-1

Voordelen:
+ offensieve patronen blijven behouden

+ Hazard en Lukaku kunnen dreigend blijven in omschakeling

+ meer defensieve slagkracht centraal voor de defensie

+ dubbele flankbezetting in balverlies

 

Nadelen:

– omschakeling naar balverlies: Meunier tijdig terug? Wat met Neymar?

– Vermaelen fit/beweeglijk genoeg voor eventuele 1v1 situatie met Willian?

 

Plan B

In ons tweede plan proberen we de nadelen van plan A te neutraliseren. Hierbij kiezen we in balbezit en balverlies voor een soort 4-3-2-1 formatie. Dit keer met Meunier als ‘vaste’ rechtsachter maar met een rijkelijk gestoffeerd middenveld voor de defensie: Witsel, Fellaini en Dembele. Witsel als slot op de deur centraal. Dembele als nuttige factor in de opbouw én als bewaker van Neymar wanneer Meunier is opgerukt. Fellaini kan in aanvallend opzicht ook meer infiltreren en gevaar stichten in de box. Ook in plan B krijgen Hazard en Lukaku voldoende vrijheid, De Bruyne ook meer dan in plan A.

4-3-2-1

4-3-2-1 opstelling

Voordelen:

+ restverdediging staat goed: Neymar kan worden opgevangen

+ meer vrijheid voor Hazard en De Bruyne in balbezit en omschakelmomenten

+ verrassende infiltraties van Fellaini mogelijk

+ geen dubbele flank maar Dembele en Fellaini kunnen daar voldoende bijspringen

 

Nadelen:

– offensieve automatismen worden deels weggenomen

 

Conclusie

België speelde van alle teams op dit WK voorlopig misschien wel het meest vrank en vrij, steeds vanuit een aanvallende filosofie en duidelijke patronen. Bondscoach Martinez verdient daarvoor uiteraard alle lof. Verdedigend zijn er echter nog serieuze hiaten die de komende dagen moeten weggewerkt worden, we doen hierboven zelf een aantal suggesties. Rest ons enkel nog alle steun te bieden aan de Red Devils, Go Belgium. Tijd om geschiedenis te schrijven!

 

Meer WK-artikels