KRC Genk – KAA Gent (1-2): Genk laat initiatief aan bezoekers

De match tussen KRC Genk en KAA Gent kondigde zich voor beiden al aan als cruciaal want de eventuele verliezer mocht zijn titelambities zo goed als zeker opbergen. Met 9 op 12 en verfrissend voetbal had Genk zich vooraf al ontpopt tot een te duchten outsider, Gent vond op zijn beurt de laatste twee matchen eindelijk de vorm van 2015 terug. Het duel groeide alleszins uit tot een heel interessante wedstrijd, een analyse!

tactiek Genk Gent

Startopstellingen van KRC Genk en KAA Gent

Peter Maes hield vast aan zijn ploeg van de voorbije weken. Hij koos opnieuw voor een 4-3-3 met nu Kebano op 10 ten koste van Malinovsky. De elf namen: Bizot, Castagne, Dewaest, Kabasele, Uronen, Ndidi, Pozuelo, Kebano, Buffel, Bailey en Samatta.

KAA Gent toonde tegen Oostende en Anderlecht eindelijk opnieuw met vlagen het voetbal waarmee het verbaasde in de Champions League en Hein Vanhaezebrouck vulde zijn 3-4-3, bij afwezigheid van Boussoufa en Dejaegere, met volgende spelers in: Sels, Nielsen, Gershon, Asare, Kums, Neto, Foket, Saief, Milicevic, Matton en Depoitre.

KRC Genk kiest voor de counter
Al snel in de wedstrijd werden de bedoeling van Genk duidelijk: Gent laag opvangen, de bal proberen recupereren en meteen gevaar creëren in de diepte met Kebano, Buffel, Bailey en Samatta. De thuisploeg, die nochtans vol vertrouwen zit, koos er daarom voor om in balverlies laag terug te zakken en geen druk te geven op de opbouwende Gent-verdedigers. Hoge pressing bleek dit seizoen nochtans al meermaals het succesrecept om de kampioen te verslaan, maar Peter Maes verkoos dus niet die weg op te gaan.

Genk koos terug te zakken diep op de eigen speelhelft, eens Gent in balbezit kwam was het enkel Samatta die wat druk zette op de drie opbouwende verdedigers van de bezoekers. Kebano kreeg de taak om Kums onder druk te zetten, Pozuelo moest Neto in de gaten houden, terwijl Ndidi de hele ruimte achter die twee trachtte te verdedigen. Op de flanken koos Maes niet voor druk vooruit, integendeel, Buffel en Bailey moesten vooral mee achteruit verdedigen op de lopende flankmiddenvelders Saief en Foket.

Bij balrecuperatie probeerde de thuisploeg snel in te spelen op Kebano die duidelijk de taak had meegekregen om in de rug van Asare te duiken. Hij bleef in de buurt van Kums als Gent de bal had, wanneer Genk de bal zou veroveren, ging Kebano meteen hoger spelen om dan diep te lopen in de rug van Asare. Met de snelle Bailey, Samatta en Buffel wilde Genk de counters snel in kansen omzetten. Uiteindelijk lukte dit een drietal keer met de openingsgoal als beste voorbeeld: Kebano die diep wordt gestuurd in de rug van Asare en voorzet richting de infiltrerende Samatta, Buffel en Bailey die binnenkopt.

Tijd en ruimte voor Gents positiespel

Genk Gent pressing

Gentse verdedigers (rood) krijgen tijd om op te bouwen richting middenvelders (groen). Centraal ook heel veel ruimte (blauw) voor afhakende Milicevic en Matton

Ondanks de vroege voorsprong kreeg Gent het initiatief in de schoot geworpen en was het de hele eerste helft baas. Omdat er amper druk vooruit werd gezet door Genk, konden de verdedigers rustig opbouwen. En vooral: zo konden de Gentse spelers voor de bal hun gewenste positiespel spelen en kregen ze de tijd om samen vrij te lopen. Het laatste anderhalf jaar ligt de sterkte van Gent voornamelijk in het herkennen van de ruimte en de samenwerking tussen de flankmiddenvelder en de ‘valse winger’ op die flank: op links gaat het dan vooral om de samenwerking Saief en Matton, op rechts die tussen Milicevic en Foket. Eén speler die steeds tussen de linies komt, de andere die op het juiste moment de diepte bespeelt in de rug van de Genkse verdediging om zo de backs en verdedigende middenvelders aan het twijfelen te brengen. Deze tactiek bracht het samen met een ander gevaar dat Gent vaak creëert de laatste weken wanneer de match meer op slot zit: de twee valse wingers die in één zone/flank komen om daar een man-meersituatie uit te spelen.

Bij de Gentse gelijkmaker kwamen alle bovenstaande factoren eigenlijk allemaal samen. De Gentse verdedigers kunnen rustig opbouwen en Asare krijgt de tijd om in te dribbelen op de helft van Genk. Intussen zijn Matton (tussen de linies) en Saief (breed en diep) in beweging waaruit een voorzet volgt. Matton krijgt de bal en combineert met Milicevic die zijn zone verlaat om een man-meersituatie te creëren waarna de voorzet volgt richting Depoitre die wegloopt van de kopbalsterke centrale verdedigers om het duel te winnen van Uronen en de 1-1 knap binnen te koppen.

Het Genkse middenveld had, door een gebrek aan druk op de bal voorin, ook problemen met de ruimte rond Ndidi. Pozuelo is het creatieve brein van de ploeg, schoof vaak mee in naar voor en moest in balverlies Neto in de gaten houden. Uiteraard zorgde dit voor heel wat ruimte in zijn rug waar vooral Milicevic en Matton geregeld gebruik van maakten. De rode kaart van Saief veranderde uiteindelijk het wedstrijdbeeld wel wat na de rust.

Vanhaezebrouck herschikt pionnen

Gent Genk

                Opstellingen na de rode kaart van Saief

Na de rode kaart gooide Gent het over een andere boeg, de 3-4-3 werd ingeruild voor een defensievere 4-4-1 met Milicevic en Matton op de flanken in steun van Neto en Kums. Nu was het Gent dat de logische keuze maakte om in balverlies iets lager in te zakken waardoor de thuisploeg het initiatief wat meer toegespeeld kreeg. Desondanks had Gent nog vaak de bal en probeerde het rustig uit te voetballen. Dit met de ‘nieuwe backs’ Asare en Foket die geregeld hoger mee opschoven, terwijl Milicevic en/of Matton die momenten meer naar binnen speelden in steun van Depoitre. Opnieuw kregen de bezoekers hiervoor de tijd van Genk dat amper ging jagen.

Genk slaagde er in balbezit intussen niet in om kansen bij elkaar te voetballen door een ondermaats positiespel voor de bal. Tijdens de rust vroegen de Genkse coaches hun team om het spel breed te houden, maar dat werd te letterlijk genomen door de spelersgroep waardoor de backs en de flankaanvallers vaak allebei breed tegen de lijn stonden, tegelijk verdween Kebano centraal uit de match en kwam Karelis steeds in de bal. Genk toonde onvoldoende diepte en verrassing in zijn spel om Gent uit verband te spelen. In de slotminuut haalde Bizot niet alleen Depoitre maar ook de Genkse Champions League ambities onderuit, 1-2 na een heel genietbare topper.

Speeldag 6 in PO I

vrijdag 29/4 om 20.30: Zulte Waregem – KV Oostende
zondag 1/5 om 14.30: Anderlecht – KAA Gent
zondag 1/5 om 18.00: Club Brugge – KRC Genk

Klassement

  1. Club Brugge 41 ptn
  2. KAA Gent     38 ptn
  3. Anderlecht  38 ptn
  4. KRC Genk   33 ptn
  5. Oostende    29 ptn
  6. Zulte Waregem 24 ptn

 Meer Belgisch voetbal

Samenvatting via Stadion.be

Anderlecht – Club Brugge (1-0): veel druk in balverlies, weinig lef & kwaliteit aan de bal

Speeldag 3 kondigde zich aan als richtinggevend in de titelstrijd. Mits winst in het Constant Vandenstockstadion kon Club Brugge zowel Anderlecht als Gent op 7 punten (eigenlijk 8) plaatsen, wat met nog 7 matchen te gaan gerust comfortabel kon genoemd worden. Het draaide echter anders uit: Anderlecht pakte voor de derde keer dit seizoen de volle buit tegen Club en heropent zo de titeldebatten. Het verhaal van de wedstrijd.

Opstellingen Anderlecht - Club Brugg

Opstellingen Anderlecht – Club Brugge na vroege wissel Badji-Najar

Besnik Hasi had de laatste weken kopzorgen met tal van belangrijke spelers die geblesseerd waren, maar de coach van Anderlecht recupereerde heel wat namen voor de clash van vandaag. Dendoncker en Najar kwamen zelfs meteen aan de aftrap in een 4-3-3 (met de punt naar achter) met volgende invulling: Proto; Buttner, Nuytinck, Kara, Najar; Dendoncker, Tielemans, Defour; Praet, Acheampong, Okaka. Najar moest echter al snel opnieuw (na 15’) naar de kant met een blessure.

Club-coach Michel Preud’homme nam net als vorige week plaats in de tribune maar stuurde daarvoor wel volgende namen de wei in: Butelle, De Bock, Denswil, Poulain, Meunier; Simons, Vormer, Vanaken; Izquierdo, Gedoz en Diaby. Zij acteerden in de intussen gekende 4-3-3 met de punt naar voor met Vanaken op positie 10.

Kara als mikpunt
Beide teams beseften het belang van een mogelijke driepunter maar al te goed en toonden zich allebei heel agressief in de druk naar voren in de beginfase. Het leed tot een hoge intensiteit die gepaard ging met veel duels, gemekker en blessurebehandelingen in de eerste vijftien minuten. Nadien kwam er iets meer tempo in de wedstrijd en werd ook de hand van beide trainers duidelijker.

Net als tegen KAA Gent probeerde Club Brugge met een hoge pressing de opbouw van Anderlecht snel te verstoren. Wanneer Proto in balbezit kwam, koos Diaby positie dicht bij Nuytinck (in theorie de best uitvoetballende verdediger van Anderlecht) waardoor de doelman verplicht werd richting Kara te spelen. Vanakens startpositie lag echter tussen Dendoncker en Kara waardoor de Limburger snel voor druk kon zorgen op de centrale verdediger van Anderlecht die uitvoetballend weinig techniek maar vooral paniek tentoonspreidt. Het zorgde al vlug voor twee gevaarlijke brandjes achterin die nog tijdig konden geblust worden door paars-wit.

Omdat Vanaken doorstapte vanuit het middenveld lag daar echter wel ruimte voor de thuisploeg. Vormer verliet namelijk zijn rechterzone volledig om door te lopen en druk te zetten op Dendoncker, Simons koos op zijn beurt positie dicht bij Defour. Het impliceerde natuurlijk dat Tielemans enorm veel vrijheid kreeg maar hij kon in de eerste helft amper bereikt worden. Als zijn ploegmaats de bal achterin niet zelf al verloren, kozen ze al te vaak voor de lange bal van Proto richting Okaka. De Italiaanse krachtpatser toonde zich echter balvast tegen het centrale duo van Club waardoor Anderlecht relatief makkelijk kon opschuiven. Puur voetballend kwam het echter amper tot een kans.

Veel druk in balverlies, weinig lef in balbezit
Anderlecht probeerde op een gelijkaardige manier de tegenstander het voetballen te beletten. Bij de thuisploeg was het in de eerste plaats Okaka die drukzette op een centrale verdediger en dan al snel geruggesteund werd door een middenvelder die ook druk ging zetten op de andere centrale man van Club Brugge. Een redelijk identieke manier van pressen als Club dus, al werd bij Anderlecht de druk minder gericht op één speler (zoals bij Club op Kara) waardoor het ofwel Tielemans ofwel Defour was die moest pressen en de krachten iets gelijkmatiger werden verdeeld. Anderlecht koos ook iets meer het juiste moment uit (zo’n tien meter voor de middenlijn) en liet Club dus automatisch iets meer ruimte en tijd om op te bouwen dan omgekeerd wat minder krachten kostte in de strijd.

De eerste helft was uiteindelijk heel intens met twee teams die hoog druk zetten en zelf moeite hadden om, eens in balbezit, met die hoge druk om te gaan. Een gebrek aan technisch vermogen, lef en goed positiespel toonden toen al aan dat dit een echte PO I match was: veel spanning maar weinig kwaliteit aan de bal. Een klasseflits of de bal ‘die eens goed valt’, zou waarschijnlijk mee beslissen over de uitkomst in de match. Van veel uitgespeelde kansen was de eerste 45’ geen sprake, Club verzamelde nog de betere mogelijkheden in de eerste periode.

Tielemans op zoek naar ruimte tussen de linies
Tijdens de rust kregen de Clubspelers consignes om sneller de diepte te zoeken: te weinig diepgang was het oordeel. Deels waar maar zoiets enorm benadrukken, geeft bij voetballers meestal het tegenovergestelde: uitsluitend nog lange ballen of dieptepasses in niemandsland zonder veel overleg. Ook bij de bezoekers was dit na de pauze opmerkelijk, zelfs zonder druk koos het te vaak de foute optie om te snel diep spelen waardoor Anderlecht meer de bal kreeg en kon groeien in de match. Uiteraard is het ook moeilijk om hoge pressing een hele wedstrijd vol te houden als je de bal steeds opnieuw ver weg trapt in de handen van de tegenstander. Je moet dan steeds opnieuw 30 meter opschuiven om druk te gaan zetten en dat zorgt voor het weggeven van ruimte…

Paars-wit groeide in de match en daar had ook Tielemans een belangrijk aandeel in: hij was beweeglijker dan in de eerste periode en probeerde zich voortdurend te positioneren in de vrije ruimte tussen het Brugse middenveld en verdediging. Zijn goal was daar het beste voorbeeld van: de ruimte tussen de Brugse linies werd opnieuw veel te groot bij het begin van de actie (de afstand tussen de verdedigende lijn van Club was zo’n 15 meter achter verdedigende middenvelder Simons), waardoor Tielemans de 1-2 tussen de linies kon aangaan met Djuricic, om dan diep te lopen en rustig af te werken. Ook het zwakke defensieve positiespel van Meunier effende natuurlijk het pad voor de snelle winning goal.

tegengoal

Tekening van 1-0 Tielemans. Brugse verdediging & middenveld heel ver uit elkaar waardoor Tielemans volledig vrijkomt. Intussen spurt Meunier terug naar zijn positie die overgenomen werd door Vormer. Tielemans krijgt de tijd om 1-2tje op te zetten met Djuricic en te scoren.

 

Twee spitsen
Meteen na de 1-0 probeerde Club de bakens nog te verzetten door Diaby naar de kant te halen en Pereira in het veld te brengen. Met later ook Vossen tussen de lijnen greep Club terug naar het 4-4-2 concept van in het begin van het seizoen met twee diepe spitsen. Er werd echter over de hele lijn te snel lang gekozen, foute keuzes gemaakt in de passing, duels tegen Kara niet gewonnen waardoor Anderlecht uiteindelijk relatief makkelijk overeind bleef. Het was zeker geen hoogstaande Clasico, wel eentje die de titelstrijd in PO I nog een stuk intenser zal maken.

 


Programma speeldag 4 in PO I

Dinsdag: 19/4 om 20.30              KV Oostende – Zulte Waregem
Woensdag: 20/4 om 20.30         KRC Genk – Club Brugge
Donderdag:  21/4 om 20.30        KAA Gent – Anderlecht

 

Meer Belgisch voetbal

KAA Gent – SV Zulte Waregem (1-1): Buffalo’s met Boussoufa, Essevee met lef

Na een voorgerechtje van 30 wedstrijden kan het echte werk beginnen: PO I. Het festival aan spannende wedstrijden, beslissende scheidsrechterlijke blunders en nagelbijten werd deze avond op gepaste manier op gang getrapt door KAA Gent en Zulte Waregem. Een verslag.

Opstellingen KAA Gent & Zulte Waregem

                          Opstellingen KAA Gent & Zulte Waregem

KAA Gent startte net als vorig seizoen aan de play-offs in tweede positie met twee punten achterstand op leider Club Brugge. Het positieve gevoel waarmee ze vorig jaar aan de eindstrijd begonnen (oa winst op Anderlecht) lag nu wel even anders: ondanks een degelijke heenronde en een knap Europees parcours won het slechts 1 van de laatste 4 competitiewedstrijden en verloor het een aantal belangrijke spelers door blessures. Twee weken rust en een stage moesten de neuzen terug in dezelfde richting krijgen.

SV Zulte Waregem op zijn beurt pakte uiteindelijk nog onverhoopt maar oververdiend het laatste ticket voor PO I en kon zich zo in de geliefde underdogpositie wentelen. Bovendien verloor Essevee slechts 2 van zijn laatste 13 matchen tegen Gent.

Hein Vanhaezebrouck hield uiteraard opnieuw vast aan zijn geliefde 3-4-3 met Sels; Asare, Gershon, Nielsen, Kums, Deaux, Saief, Foket, Milicevic, Boussoufa en Depoitre.

Francky Dury koos voor een 4-3-3 met Steppe; Verboom, Diallo, Lepoint, Baudry, Essikal, De Ridder, Kaya, Dalsgaard, Cordaro en Leye.

Druk vooruit Essevee
KAA Gent verraste vorig seizoen voetbalminnend België met aanvallend spel gekenmerkt door hoge pressing, uitstekend positiespel dankzij goed bewegen in de ruimte en een snelle balcirculatie. Sinds de nederlagen in Club Brugge kennen de Belgische voetbalcoaches intussen wel de succesformule om de Buffalo’s te kloppen en hoge pressing is een bepalende factor (lees volledige stuk hier).

Essevee had het huiswerk klaar en probeerde het in de beginfase met hoge druk, waarbij het in de Gentse opbouw met drie aanvallers druk zette op de drie verdedigers. Daarvoor plaatste Dury daar met Dalsgaard, van nature een rechtsachter, en Cordaro twee snelle mensen voorin om de hoge pressing te verzorgen en meteen diep te kunnen omschakelen bij balverovering. Op het middenveld speelde Zulte Waregem met de punt naar achter, terwijl het dat normaal omgekeerd doet, om snel druk te kunnen geven op het Gentse middenveld. De Ridder nam de druk op spelmaker Kums voor zijn rekening, Kaya kreeg de taak om Deaux in de gaten te houden.

Eens er voorin echt druk werd gezet, werkte het vaak goed. Vooral aan de zijde van Nielsen, de Deen verspeelde bijgevolg heel wat ballen eens hij onder druk kwam. Andere momenten zorgden Leye en co echter voor te weinig druk waardoor Gent snel de ballen kon spelen in de rug van de flankaanvallers van Essevee die hoog speelden omdat ze snel druk vooruit wilden zetten. Daardoor kwam vooral Saief vrij in de openingsminuten van de match wat voor mogelijkheden zorgde.

Boussoufa duikt in de ruimtes
Die fases tekenden meteen het beeld voor de rest van de wedstrijd. Boussoufa speelde op links goed tussen de linies en moest bewaakt worden door Essikal, de enige defensieve middenvelder bij Essevee. Wanneer rechtsback Baudry besloot om te snel door te dekken op Saief, koos Boussoufa vaak uitstekend voor de diepte waardoor hij los was van Essikal en voor gevaar kon zorgen met tal van voorzetten. Dat patroon was over de hele match bekeken de grootste dreiging die de Gentenaars konden creëren.

Het vervolg van de acties van Boussoufa kenden echter weinig vervolg. De voorzetten werden vaak makkelijk ontzet door de kopbalsterke Lepoint of door een heel sterk keepende Steppe. Het leverde de thuisploeg wel een pak hoekschoppen (21!) op maar daar haalde het over de hele match te weinig uit.

Ook op de linkerkant probeerde Essevee snel druk te zetten. Wanneer Foket hoog in balbezit kwam, nam Verboom meteen het initiatief om druk te zetten. Een goede keuze want Fokets sterkte ligt bij zijn loopvermogen, niet bij zijn keuzes aan de bal als hij onder druk staat. Tegelijk zorgde het er echter voor dat het achterin vaak man op man kwam. Daar moesten Lepoint en Diallo het vaak oplossen tegen Depoitre en Milicevic, beiden zijn echter nog wel wat van hun topvorm verwijderd waardoor de Waregemse verdedigers het pleit voortdurend wonnen. Milicevic bewoog in tegenstelling tot Boussoufa ook veel minder goed in de ruimtes waardoor hij minder in het spel betrokken werd.

Omschakeling
Terwijl Gent vooral dreigde met de wisselwerking Boussoufa & Saief, waar ook de gelijkmaker uit voortvloeide, probeerde Zulte Waregem iets te forceren vanuit de omschakeling. Het probeerde bij balrecuperatie na de hoge druk meteen via Kaya of De Ridder de ruimte in de rug van de Gentse verdediging te vinden wat een aantal keer goed lukte: getuige het eerste doelpunt met de oprukkende Baudry en de lob van Kaya die later nog van de lijn werd gered.

Maar ook wanneer Waregem in de verdrukking kwam, omdat Essikal het alleen moest rooien tegen beweeglijke Boussoufa, bleef het dreigend eens het de bal veroverde. Vooral omdat het met de drie aanvallers en twee aanvallende middenvelders snel probeerde te combineren om snel de ruimte in de rug van de verdediging te benutten. De Ridder had na een snelle counter de 0-2 aan de voeten maar trapte onbesuisd over. Uiteindelijk hadden beide ploegen nog de kansen om de overwinning naar zich toe te trekken.

Over de hele wedstrijd bekeken had Gent zeker het betere van het veldspel, Waregem toonde zich iets geslepener en voetbalde meer dan behoorlijk mee. De Gentenaars zullen echter snel richting hun beste vorm moeten groeien want alle tegenstanders kennen intussen de zwakke punten van blauw-wit. Essevee daarentegen toonde dat het in zijn vrijbuitersrol een leuke rol kan spelen in PO I en menig titelkandidaat wel punten zal ontfutselen. De eerste thriller is gespeeld, de competitie is eindelijk begonnen!

Andere wedstrijden speeldag 1
Zaterdag 18.00: KV Oostende – Club Brugge
Zondag 18.00: Anderlecht – KRC Genk

 

Meer Belgisch voetbal

Standard Luik – KAA Gent (0-3): Plan Ferrera werkt opnieuw 1 helft

Met 13 op 18 en winst tegen KRC Genk in de halve finale van de beker, timmerde Standard aan de weg terug naar boven. Ook KAA Gent speelde met vertrouwen na knappe zeges tegen Anderlecht & Club Brugge. De heenwedstrijd, één van de eerste matchen van Ferrera, ging gelijk op maar werd in een beslissende plooi gelegd door Dino Arslanagic die rood pakte en zo Gent mee naar de overwinning leidde.   

 

tactiek Gent Standard

Basisopstellingen Standard Luik & KAA Gent

Yannick Ferrera was de heenmatch duidelijk nog niet vergeten en hij koos deels voor dezelfde aanpak als eind september. Toen werd het een 5-3-2, nu was het uitgangspunt een 4-3-3 die in balverlies heel hard leek op de tactiek uit die eerste confrontatie. Hubert stond nog in doel in afwachting van Victor Valdes met voor zich Fioré, Kosanovic, Scholz en Goreux. Yatabaré, Trebel, Enoh, Jr Edmilson, Dossevi en Emond waren de andere namen.

Bij Gent weinig verrassingen met dezelfde namen en hetzelfde spelsysteem als anders. Vanhaezebrouck stuurde volgende 11 spelers de wei in: Sels; Asare, Mitrovic, Nielsen; Deaux, Kums, Dejaegere, Foket; Milicevic, Moses Simon, Depoitre.

Enkel 4-3-3 op papier
In de openingsfase kregen de bezoekers het balbezit cadeau van Standard. Ferrera’s tactiek, deels gestoeld op het voetbal van Atlético Madrid, bestond er opnieuw in zijn ploeg iets over de middenlijn te posteren om van daaruit de bal te proberen recupereren om toe te slaan op de counter met snelle, opportunistische aanvallers. Wanneer het drukzetten niet slaagde of te veel tijd in beslag nam, maakten de Rouches vaak een overtreding om het vloeiende positiespel van de Gentenaars even te onderdrukken.

Standard startte op papier dan wel vanuit een 4-3-3, bij de opbouw van Gent transformeerde dit volledig. Dossevi, eigenlijk rechterflankaanvaller, kwam voorin naast Emond te spelen. Die twee kozen positie tussen Mitrovic en zijn twee collega-centrale verdedigers, Emond stond meestal tussen Mitrovic & Nielsen, terwijl Dossevi postvatte tussen Mitrovic & Asare. Mitrovic kreeg de bal en van zodra hij de bal naar buiten speelde zetten Dossevi & Emond snel druk om Gent tot de lange bal te dwingen. Ondertussen kreeg Jr Edmilson de taak om als linkerflankaanvaller volledig terug te zakken om Foket af te stoppen.

Op het middenveld was de taakinvulling eenvoudig: Yatabaré (op Kums) en Trebel (op Deaux) dekten zo snel als mogelijk door om druk te zetten op de centrale middenvelders van Gent. Wanneer de ‘valse wingers’ in de bal kwamen, werd er doorgedekt door de centrale verdedigers van Standard. Indien Simon of Milicevic te veel naar het middenveld kwam, nam Enoh de taak van zijn verdedigers over. Dit alles lukte uitstekend in het openingskwartier waardoor de bezoekers zich genoodzaakt voelden (te) snel diep te spelen richting Depoitre. Uiteindelijk resulteerde dat in veel duels, het spel dat veel stillag en amper doelgevaar.

Strijdtoneel op één flank
Naarmate de wedstrijd vorderde kwamen er meer openingen en staken beide teams regelmatig de neus aan het venster. Het werd ook al duidelijk dat de match zou beslist worden op één flank, namelijk de rechter van Standard & dus de linkerzijde van Gent. De andere flank zat op slot met Edmilson die makkelijk Foket uit de wedstrijd hield maar zo zelf ook niet aan voetballen kwam.

Standard probeerde vooral te dreigen door snel diepte te zoeken in de rug van de driemansdefensie van Gent. Het waren vooral Goreux, Yatabaré en Dossevi die afwisselend voor infiltraties zorgden op de rechterkant wat tot enkele kleine kansjes leidde. Uiteindelijk was het gevaar nog relatief beperkt, Standard stond centraal op het middenveld immers in koppeltjes door de pressing die ze voerden, waardoor daar ook niemand aanspeelbaar was als het zelf in balbezit kwam. De diepte in met Dossevi, Goreux en Yatabaré was daardoor de enige oplossing.

Goreux in de problemen
Ook de bezoekers creëerden zo goed als al het gevaar op die linkerflank, vooral in de tweede helft.
Dit was vooral te danken aan de uitstekende wisselwerking tussen Simon & Dejaegere. Steeds infiltreerde er één van de twee centraal, terwijl de andere ook hoog maar breed bleef. Op die manier werd Goreux voortdurend in een 1v2 situatie gedwongen en kwam hij dus in de problemen. Tegelijk hielden Depoitre en Milicevic (vaak heel hoog) beide centrale verdedigers bezig. Dit was ook de schets van de 0-1 waarin Simon de actie naar binnen maakte en Goreux met zich meelokte om nadien Dejagere breed (en helemaal vrij) aan te spelen die de assist op Depoitre verzorgde.

In de tweede helft durfden de verdedigers van Gent ook de 3v2 situatie in de opbouw meer uitspelen en indribbelen naar het middenveld om van daaruit de bal voorwaarts te spelen. Ook Mitrovic schoof centraal geregeld in wat in combinatie met meer variatie op de linkerflank & Depoitre die zich beter in de match knokte, ervoor zorgde dat Gent na tien minuten in de tweede helft de match al kon beslissen.

In balverlies liet de veldbezetting van Standard ook toe om makkelijk onder druk gezet te worden. Zowel Dejaegere als Simon gingen hoog storen: één van hen zette druk op de centrale verdediger aan de bal, terwijl zijn ploegmaat snel druk kon zetten op Goreux als die werd aangespeeld. Centraal op het middenveld zaten Yatabaré & Trebel vast bij Kums & Deaux omdat ze zelf dicht bij hen in de buurt gingen staan. Daarom werd er vaak lang gespeeld wat Gent kon oplossen gezien de 3v2-situatie.

Kums maakte nog de 0-2 van op afstand, Dejaegere –opnieuw in de rug van Goreux- zorgde met een kopbal voor de eindstand 0-3.

Eigen aanvalsspel verloochend
Gent gaf opnieuw een masterclass in balbezit met een verzorgde opbouw van achteruit, veel positiewissels en voortdurende infiltraties. Standard paste zich aan en kon in de beginfase de Gentse aanvallen makkelijk afweren. Het blijft echter zoeken naar een ploeg die het Gentse positiespel kan neutraliseren zonder het eigen aanvalsspel te verloochenen.

De beste voorbeelden hiervan waren KV Mechelen in 5-2-3 (1-0 winst in eigen huis), Zulte Waregem (2-2 uit) in 4-3-3 en Charleroi (1-3 uit). De belangrijkste overeenkomsten tussen deze wedstrijden was dat de tegenstanders van Gent durfden spelen met 3 drie aanvallers die snel vooruit druk zetten op de 3 centrale verdedigers en tegelijk snel zorgden voor diepgang bij balverovering. Hoge pressing, Gent dwingen tot een lange bal en achterin 90’ gefocust de strijd aangaan en de duels winnen, bleek tot op heden de enige succesformule om de kampioen te verslaan. Benieuwd wie de volgende ploeg is die met het nodige lef de troepen van Vanhaezebrouck uitdaagt…

Samenvatting Stadion

Meer binnenlands voetbal