België-Brazilië: moment van de waarheid

De Gouden Generatie staat voor haar Grote Examen. De ‘eigen keuze’ voor de moeilijke tabelhelft waarbij een kwartfinale tegen Brazilië onvermijdelijk was, werd gemaakt. Dé ontmoeting dus met misschien wel de grote WK-favoriet (samen met Frankrijk). België cruisete door het tornooi maar treft nu voor het eerst in het tornooi minstens z’n evenknie. Het moment om geschiedenis te schrijven?! Een voorbeschouwing.

Lange Bal zag tot dusver 44 van de 56 gespeelde WK-matchen. Zoals altijd zijn er verschillende trends weer te geven: de impact van de VAR, het belang van de spelhervattingen (bijna de helft van de WK-goals), het grote aantal goals vanuit een omschakeling, het feit dat slechts weinig teams nog kiezen voor een achterhoede met 3 verdedigers, etc.

Een ‘kwalijke’ trend was ongetwijfeld de behouden aanpak van een aantal (top)landen. Het gebrek aan trainingstijd bij een nationaal elftal weegt vaak niet op tegen het samenbrengen van ’s lands grootste talenten. Het zorgt ervoor dat de bondscoach logischerwijs zijn team vooral verdedigend op orde probeert te krijgen om dan veelal te focussen op de omschakeling en het individuele talent dat het verschil voorin moet maken.

Dé grote uitzondering hierop vormen ongetwijfeld onze Rode Duivels. Wél met z’n drieën achterin, wél vanuit een duidelijk aanvalsplan met structuur, met veel lef en branie. Eén van de weinige landen die vol op de aanval durft te spelen, niet toevallig het team dat mogelijks het meeste steun krijgt van de neutrale voetballiefhebber. Met een aanvallende xG van 10,49 creëerden onze Rode Duivels tijdens dit WK aanvallend ook het meeste kwalitatief hoogstaande kansen van alle teams. (Lees hier meer over Expected Goals Data)

Met een aanvallende xG van 7,71 staat Brazilië dan weer op de tweede plaats in die ranking, doch Brazilië lijkt duidelijk afhankelijker van de individuele kwaliteit dan van ruimtecreatie, het benutten van die ruimte en duidelijke patronen.

Hoe dan precies? België gaat al twee jaar uit van een aanvallend 3-4-3 systeem met duidelijke patronen en veel drang naar voor. Opvallend daarbij is dat het via de positie van de spelers uiteraard constant tegenstanders aan het twijfelen wil brengen. Veel spelers tussen de linies of die voor diepte zorgen (rood omcirkeld = gevaarlijkste spelers), spelers hoog naast het blok van de tegenstanders (oranje), ploegmaats in het blok van de tegenstander (geel) maar relatief laag en dus niet zo gevaarlijk en tot slot spelers laag buiten het blok van de tegenstander (groen: lees in eerste instantie ongevaarlijk).

positionele structuur

 

Opvallend bij de Belgen dat het steeds probeert 5 gevaarlijke spelers te hebben (rood of oranje). Enkel tegen Japan liet het zich in de eerste fase van de opbouw misschien te veel verleiden tot ‘veilig/ongevaarlijk balbezit’ door het (onnodig?) uitzakken van Witsel in de opbouwfase waardoor het één speler te weinig had in de ‘gele zone’. Toch houdt het steeds 2 oranje en 3 rode spelers in gevaarlijke posities.positionele structuur

 

 

Los van (het blok van) de tegenstander is Brazilië hier gedurende het tornooi over het algemeen een stuk voorzichtiger in. Het gaat altijd uit van een 4-3-3 formatie maar onderstaande situatie is bijvoorbeeld geen uitzondering: 5 spelers in de laatste veilige lijn buiten het blok van de tegenstander komt geregeld voor. Het zorgt ervoor dat de twee flankaanvallers het veld breed houden (oranje) en er dus maar 1 echte gevaarlijke (rode speler) is die uiteraard makkelijk te verdedigen valt.

opbouw Brazilië

 

Een ander euvel binnen het aanvalsplan van Brazilië hangt daar nauw bij samen: de backs (vooral Fagner & Filipe Luis) zijn relatief beperkt in hun aanvalsdrift waardoor de wingers het veld breed houden en er dus weinig aanspeelopties komen in de ‘red zone’. Daardoor worden Neymar en Willian vaak aangespeeld in slechte omstandigheden: namelijk recht op recht langs de lijn terwijl ze kort gedekt worden. Zonder twijfel een belangrijke reden waarom Neymar steeds in het duel terecht komt en dus ook zo veel schoppen krijgt dit WK. Een matige positionele invulling van het elftal die je bij België maar nauwelijks zal zien, qua aanvallende structuur en visie doet dit WK niemand beter dan onze Belgen. Desondanks zijn de versnellingen van de Brazilianen vaak verschroeiend en zijn Willian, Neymar en Coutinho allen in staat de match met één verrassende flits in een beslissende plooi te leggen.

recht op recht inspelen

 

Verdedigend houden België en Brazilië elkaar ook relatief in balans, in defensief opzicht heeft België een xG van 3, Brazilië doet iets beter met slechts 2,33 (en trof waarschijnlijk ook al betere tegenstanders). Primus van de klas hier zijn Frankrijk en Uruguay die elkaar ook vrijdag treffen, kneusjes zijn Rusland en Kroatië die elkaar zaterdag ontmoeten. Los van de xG leeft toch het gevoel dat Brazilië defensief een stuk stabieler is dan onze Belgen met voorlopig slechts 1 geslikt doelpunt tegen Zwitserland en clean sheets tegen Mexico, Servië en Costa Rica. België kon enkel de 0 houden tegen Panama en een geplaatst Engeland, het slikte er 4 tegen Japan en Tunesië. Het feit dat Brazilië in principe meer mensen achter de bal houdt in balbezit, speelt hier uiteraard een rol in. Drie maand geleden schreven we hier overigens al over de toegenomen defensieve stabiliteit bij Brazilië!

Ondanks de 5-mansdefensie, want daarnaar evolueert de 3-4-3 uiteraard in langere periodes zonder balbezit, heeft België twee grote euvels in balverlies. Een echte structuur om bepaalde periodes van de match gericht hoog te pressen ontbreekt ook nog maar dat kunnen we de bondscoach gezien de beperkte trainingstijd uiteraard niet verwijten, op een WK voetbal zijn er amper teams die dat facet beheersen.

1-  1v2 op de flanken

In balverlies wordt de 3-4-3 in principe regelmatig omgetoverd tot een 5-4-1. Echter Hazard en Mertens, die veelvuldig de rol vertolken als inside winger, vullen de defensieve taken niet altijd even goed in. Hieronder zie je een voorbeeld binnen de 5-4-1 waar het relatief blok goed gevormd is. Eens de bal naar buiten gaat naar de backs van de tegenstander is er echter geen of weinig druk op de bal.

Regelmatig zie je dan ook dat de Belgen gedurfd gaan gokken op de omschakeling waarbij het team in twee blokken lijkt uiteen te vallen, in een 5-2 achter de bal en 3 jongens voor de bal (Mertens, Hazard en Lukaku). Uiteraard dé reden waarom we zo gevaarlijk zijn in de omschakeling: vaak kwalitatieve spelers al in een hoge positie op het moment dat we de bal veroveren. Geen enkel ander land doet dit echter en zo zwaar gokken tegen de Brazilianen is waarschijnlijk geen goed idee. Marcelo, indien fit, laten oprukken op de linkerflank en met Neymar op Meunier laten afstormen is mogelijks zelfs suïcidaal te noemen. Japan probeerde dit tegen de Belgen al constant uit te spelen met de oprukkende Nagatomo en Inui tegen Meunier, wat meermaals tot gevaar leidde.

2” voor het 2e tegendoelpunt tegen de Jappaners zie je deze 5-2-3 formatie duidelijk terug: Mertens, Hazard en Lukaku blijven voorin hangen: het team in 2 blokken verdeeld

 

 

 

2-  Gebrek aan dekking/agressiviteit centraal voor de defensie

Een tweede grote probleem is het gevolg van die ondertalsituaties op de flank. Maar al te vaak moet De Bruyne maar vooral Witsel dit ondertal gaan oplossen op de buitenkant waardoor er centraal erg veel ruimte komt voor de tegenstander om in te voetballen. Wanneer er dan toch eens twee mensen voor de defensie spelen, missen deze regelmatig de nodige agressiviteit en onverzettelijkheid. Het tweede doelpunt (zie foto hierboven) van Japan waarbij De Bruyne slentert om Witsel te helpen is de perfecte illustratie daarvan.

Ook de bezetting van de eigen 16m bij flankvoorzetten wordt regelmatig verwaarloosd. Vaak probeert Meunier of Carrasco de voorzet af te blokken, soms met de steun van Witsel of een centrale verdediger. Ook dan durft De Bruyne zijn defensieve taken wel eens te verwaarlozen waardoor een bal van 45° achteruit richting 16m levensgevaarlijk kan zijn. Neymar, Coutinho en Willian lijken ons nu ook niet echt de spelers om daar vrij te laten trappen…

Witsel moet de 1v2 aan de buitenkant corrigeren om flankvoorzet eruit te halen, De Bruyne nergens te bespeuren. Centrale zone (rood) volledig vrij voor een bal achteruit naar inlopende tegenstanders 

 

Als Roberto Martinez er in slaagt om bovenstaande twee defensieve problemen nog te verhelpen in de laatste dagen maakt België zeker een goede kans om vrijdag een stunt te realiseren. Echter, het moet gezegd dat deze problemen al langere tijd zichtbaar zijn binnen het elftal van de Rode Duivels en dat zal zeker niet aan het oog van Brazilië ontsnapt zijn. De offensieve slagkracht en het gevaar in de omschakeling behouden en tegelijk de defensieve problemen verhelpen, is ook niet evident. Het één heeft uiteraard altijd effect op het ander.

Om zoals vele analisten niet enkel met een beschuldigend vingertje te wijzen of in algemeenheden te praten, koppelen we er meteen twee mogelijkheden aan voor onze Duivels. Het ene al dichter bij het huidige plan dan het andere.

 

Plan A

In ons eerste plan kiezen we in balbezit voor de huidige aanvalspatronen van onze Rode Duivels vanuit 3-4-3. Met het motto: wat goed is, moet behouden worden! Echter in balverlies, kiezen we voor een asymmetrische 4-3-3 zoals KAA Gent het destijds deed onder Hein Vanhaezebrouck: namelijk in balverlies meteen omschakelen naar een 4-mansdefensie mét een dubbele flankbezetting. Daarbij wordt Meunier de rechtsachter en geeft hij in de defensie steun aan Vermaelen, Alderweireld en Kompany. Chadli of Carrasco blijft dan iets hoger speler als linkermiddenvelder, terwijl De Bruyne rechtermiddenvelder wordt. Centraal voor de defensie kiezen we sowieso voor Witsel én Fellaini. Lukaku en Hazard kunnen dan hoger op het veld van meer vrijheid genieten en de Belgische counters inleiden.

omschakeling opbouw

Balbezit België 3-4-3

Balverlies België: 4-3-3 -> 4-4-1-1

Voordelen:
+ offensieve patronen blijven behouden

+ Hazard en Lukaku kunnen dreigend blijven in omschakeling

+ meer defensieve slagkracht centraal voor de defensie

+ dubbele flankbezetting in balverlies

 

Nadelen:

– omschakeling naar balverlies: Meunier tijdig terug? Wat met Neymar?

– Vermaelen fit/beweeglijk genoeg voor eventuele 1v1 situatie met Willian?

 

Plan B

In ons tweede plan proberen we de nadelen van plan A te neutraliseren. Hierbij kiezen we in balbezit en balverlies voor een soort 4-3-2-1 formatie. Dit keer met Meunier als ‘vaste’ rechtsachter maar met een rijkelijk gestoffeerd middenveld voor de defensie: Witsel, Fellaini en Dembele. Witsel als slot op de deur centraal. Dembele als nuttige factor in de opbouw én als bewaker van Neymar wanneer Meunier is opgerukt. Fellaini kan in aanvallend opzicht ook meer infiltreren en gevaar stichten in de box. Ook in plan B krijgen Hazard en Lukaku voldoende vrijheid, De Bruyne ook meer dan in plan A.

4-3-2-1

4-3-2-1 opstelling

Voordelen:

+ restverdediging staat goed: Neymar kan worden opgevangen

+ meer vrijheid voor Hazard en De Bruyne in balbezit en omschakelmomenten

+ verrassende infiltraties van Fellaini mogelijk

+ geen dubbele flank maar Dembele en Fellaini kunnen daar voldoende bijspringen

 

Nadelen:

– offensieve automatismen worden deels weggenomen

 

Conclusie

België speelde van alle teams op dit WK voorlopig misschien wel het meest vrank en vrij, steeds vanuit een aanvallende filosofie en duidelijke patronen. Bondscoach Martinez verdient daarvoor uiteraard alle lof. Verdedigend zijn er echter nog serieuze hiaten die de komende dagen moeten weggewerkt worden, we doen hierboven zelf een aantal suggesties. Rest ons enkel nog alle steun te bieden aan de Red Devils, Go Belgium. Tijd om geschiedenis te schrijven!

 

Meer WK-artikels

Club Brugge – Anderlecht (5-0): Club grijpt momenten in 1e helft

Liefst 10 punten scheidden Club Brugge en regerend kampioen Anderlecht na amper 18 speeldagen. Vijf voor twaalf gezien de huidige competitieformule, paars-wit kon zich geen nieuwe nederlaag permitteren op het veld van de aartsrivaal.

tactiek

Startopstelling Club Brugge (3-5-2) en Anderlecht (4-3-2-1)

Club-coach Ivan Leko had uiteraard geen reden om zijn veldbezetting te wijzigen. De 3-4-3 van de seizoensstart werkte hij bij tot een erg dynamische 3-5-2 waarin nu ook Vanaken zich als een vis in het water voelt. De elf namen bij de thuisploeg: Butelle, Mechele, Denswil, Poulain, Cools, Limbombe, Nakamba, Vanaken, Vormer, Wesley en Diaby.

Hein Vanhaezebrouck moest het zonder de geschorste Teodorczyk en Deschacht doen. Najar is al lange tijd out, Onyekuru en Sels startten verrassend genoeg op de bank. Boeckx, Spajic, Kara, Obradovic, Appiah, Dendoncker, Kums, Trebel, Hanni, Gerkens en Beric vormden de basiself.

Anderlecht koos voor een strategie zonder echte flankaanvallers in een 4-3-2-1 opstelling. Daarin was Dendoncker de meest centrale middenvelder met (schuin) naast hem Trebel en Kums. Gerkens en Hanni speelden in een meer centrale rol, in steun van diepe spits Beric.

Deze keuze had zowel in balbezit als balverlies uiteraard een aantal duidelijke doelen, het ene werd al succesvoller uitgevoerd dan het andere.

 

Waakhond Trebel
Wanneer Club Brugge in balbezit kwam probeerde Anderlecht in de beginfase om hoog druk te zetten. In die hoge pressing vormde het echter meer een soort 4-4-2 opstelling in ruit om Club het voetballen te beletten. Centrale spits Beric zorgde voor druk op Mechele, wanneer die de bal doorspeelde naar Poulain op rechts zette Hanni druk. Gerkens nam in die situatie positie centraal op het middenveld waar hij Nakamba moest opvangen. Dit lukte in de openingsfase een aantal keer goed, Club had weinig opties voor de bal. Achteruit spelen was gezien de dramatische staat van het terrein pas de laatste optie, de meeste terugspeelballen moest Butelle dan ook gewoon gericht naar voor proberen trappen.

hoge pressing

Hanni (geel links) duwt door op Poulian, terwijl Gerkens (geel rechts) Nakamba opvangt. Beric (zwart) houdt Mechele in de gaten. Obradovic (rood) drukt door op Cools wanneer mogelijk


Lager in de blokvorming was de keuze voor 4-3-2-1 ongetwijfeld ook één om Clubkapitein Vormer te neutraliseren. De Nederlander zijn infiltraties op de rechterkant, in samenwerking met Cools & Diaby/Wesley, zorgden al voor een pak assists waardoor Vanhaezebrouck besliste om Trebel tot Vormers waakhond te benoemen. Dat lukte de eerste veertig minuten relatief goed met een erg scherpe Trebel die vooral in balverlies van grote waarde was en de infiltraties van Vormer goed opving. Tot hij Vormer in minuut 44 voor het eerst echt moest lossen: een professioneel trekfoutje bracht de assistkoning van de Pro League niet van de wijs, een knappe voorzet voor Diaby die binnenknikt. 1-0. Behalve deze beslissende fase slaagde Trebel wel relatief goed in zijn opzet: Vormer haalde slechts 28 baltoetsen, zijn collega-middenvelders hadden er een pak meer. Vanaken 71, Nakamba 60.

 

Intelligente Vanaken
Kums kreeg een iets, zij het beperktere, aanvallende rol. Hij speelde ietwat hoger op het veld. Indien voldoende laag moest hij Vanaken zijn infiltraties opvangen wat uiteraard niet de beste rol is van Kums. Eens de wedstrijd vorderde speelde hij dan ook iets hoger en ving hij vaker Limbombe breed op terwijl Dendoncker zich over Vanaken moest ontfermen. De eerste mogelijkheden voor de openingsgoal werden bijna stuk voor stuk over de linkerflank gecreëerd. Vanaken koos vaak erg intelligent positie in de halfspace of zelfs helemaal breed waardoor Dendoncker een relatief grote afstand moest afleggen om daar de dekking te verzorgen. Wanneer rechtsback Appiah zonder steun het duel aanging werd hij verschillende keren erg makkelijk uitgespeeld door Vanaken en de opstomende Limbombe.

Omdat de twee motoren van Club (Vanaken & Vormer) vooral aan banden moesten gelegd worden door het Anderlechtmiddenveld konden backs Obradovic en Appiah vaker vooruit gaan doordekken op Limbombe en Cools. Vooral op de linkerflank werd dit (vaak juist) uitgevoerd met de Obradovic die op het juiste moment ging vooruit verdedigen, hij werd uiteraard goed gesteund door Trebel die Vormer zo goed als mogelijk probeerde uit te schakelen. Op links benutte Vanaken echter elke centimeter ruimte die hij kreeg uitstekend in samenwerking met Limbombe of Wesley die zich aanbood met Kara in zijn rug. In de tweede helft vond Vanaken de ruimte vaak iets lager op het veld om van daaruit te domineren.

Wesley bood zich net als Diaby echter vaak uitstekend in de diepte aan, in de rug van de backs als die doordekten. Zie het maar als reactie op het defensieve plan van de bezoekers. Het luidde ook de 2-0 in met een diepe bal van Vanaken op Diaby, al bezorgde Boeckx daar vooral zijn eigen team een uppercut die het niet meer te boven zou komen. Diaby trapte voor Club ook de meeste (pogingen tot) voorzetten, 6 stuks.

diepe bal

Obradovic (rood) duwt door op Cools die de bal breed krijgt. Trebel (geel) heeft vooral oog voor zijn tegenstander Vormer en Diaby (blauw) maakt daarvan gebruik om gevaarlijk in de rug van Obradovic te duiken


Hoge pressing Club Brugge

Ondanks de 2-0 achterstand deed Anderlecht het nu ook niet zo slecht in de eerste helft. Op Vanaken, en één beslissende infiltratie van Vormer, na hield het blauw-zwart relatief goed in bedwang. Zelf bracht het aan de bal echter onvoldoende.

Club Brugge zorgde uiteraard vanaf minuut 1 voor hoge druk (“Push push”, riep Leko constant) in een kolkend stadion dat een thuisreputatie te verdedigen had, Kara en Spajic verspeelden in de beginfase dan ook vaak de bal na onnodige technische fouten. Ook Boeckx kon in de opbouw geen kant uit want zowel zijn centrale verdedigers, Dendoncker en de backs werden man op man gedekt door Club. Een lange bal was de enige oplossing: balverlies het gevolg gezien de ongelijke strijd qua duelkracht voorin.

Anderlecht herstelde zich echter. Door de relatief lage positie van de drie centrale middenvelders hield het in de eerste helft dan ook vaak de bal in de ploeg, het had nu eenmaal een overtal op het middenveld al werd die man-meersituatie wel vaak te laag op het veld gecreëerd. Zeker als ook Hanni en Gerkens de bal tussen de linies of lager kwamen opvragen. Anderlecht probeerde ook geregeld met Kums iets breder een overtal te creëeren.

pressing

Anderlecht creëert overtal op het middenveld door Kums, Dendoncker en Trebel (geel) relatief laag te houden. Kums kan breed vrij komen door de hoge positie van Appiah (rood) en Nakamba twijfelt om door te dekken. Als hij dat doet, geeft hij ruimte aan Gerkens & Hanni om af te haken


Geen breedte in paars-witte aanval

Het zorgde wel voor balbezit bij de bezoekers maar de aanval stokte eens Anderlecht echt dreigend probeerde te worden. Een gebrek aan snelheid, kracht en een slecht gebruik van de breedte van het terrein in de aanval waren daar de belangrijkste oorzaken van. Het plan had wat weg van de manier waarop Liverpool de 4-3-2-1 invult al was de uitvoering bij paars-wit uiteraard een heel stuk minder. Vooral het beperkt atletisch vermogen (snelheid en duelkracht) van Hanni en Gerkens en technische onzuiverheden op een slecht veld staken stokken in de wielen. Toch mag gezien de situatie ook de vraag gesteld worden of Onyekuru niet gewoon in de basis thuishoorde. Op de snelgenomen vrije trap van Trebel en een tweetal counters na, creëerde Anderlecht eigenlijk geen kans. Al had de match er uiteraard anders uitgezien indien de efficiëntie hier hoger lag.

Club reageerde op het Anderlechtmiddenveld door met vooral Wesley vaak iets lager in te zakken op Dendoncker om zo het ondertal ongedaan te maken. Limbombe en Cools mochten hoger druk gaan zetten en hun positie verlaten omdat Anderlecht toch zonder echte buitenspelers speelde. De druk vooruit en de vele gewonnen duels achterin hielpen Club aan een onoverwinnelijkheidsgevoel dat het niet meer zou afstaan. De eerste ‘ontsnapping’ van Vormer bij Trebel zorgde voor de 1-0, de flater van Boeckx voor een opdoffer kort voor rust.

pressing

Wesley (zwart) herstelt het evenwicht door in te zakken op Dendoncker en hem niet te laten draaien. Diaby kan meteen doordrukken op Spajic. Vanaken en Vormer kunnen dichtbij Kums & Trebel blijven, terwijl Nakamba de controle houdt voor de verdediging

 

Overbodige tweede helft
Een mirakel leek in de tweede helft nodig om wat spanning in de match te krijgen maar dat kwam er niet. Vanhaezebrouck posteerde Hanni, en mindere mate Gerkens, wel breder om in balbezit dreigender te zijn. De weinige mogelijkheden die de bezoekers hadden in een 3v3 situatie benutte het echter onvoldoende. Foute keuzes aan de bal zorgden voor frustratie in het bezoekende kamp. Het duurde dan ook niet lang vooraleer de 3-0 tegen de touwen hing na een knappe loopactie en aanname van Diaby die foutief wordt afgestopt, penalty omgezet door Vormer.

Een overbodige laatste halfuur dus met een zegetocht en vaak langdurig balbezit voor de thuisploeg, een lijdensweg voor de bezoekers. De inbreng van Onyekuru en Bruno kwam te laat om voor verandering te zorgen. Vossen en een uitstekende Vanaken legden de forfaitcijfers vast, een pandoering voor Anderlecht dat op hoop leefde na de komst van Vanhaezebrouck.

Een gelijkopgaande match werd in 2’ voor rust beslist met evenveel goals. De misser van Hanni had de match uiteraard een andere wending kunnen geven. Club rechtvaardigde de voorsprong echter helemaal in een dominante tweede helft. Ivan Leko vond in de 3-5-2 dé formule om zijn aanvallers en middenvelders volledig tot hun recht te laten komen, dé sleutel want waarschijnlijk het meest kwalitatieve middenveld & aanval uit de Pro League. Vanhaezebrouck daarentegen bewijst op zijn beurt dat uitstekende coaches het verschil niet alleen kunnen maken. Een actieve wintermercato lijkt een must aan het Astridpark wil het de titelstrijd nieuw leven inblazen.

Meer Belgisch voetbal

Buitenlands voetbal