De VI werken van Stuivenberg

Met steile ambities startte KRC Genk aan het nieuwe seizoen, drie maand later oogt de realiteit minder fraai. De Limburgers kamperen in het midden van het peloton en het telt al 6 punten minder dan de beoogde top-3. Toch is er potentieel, een analyse van de laatste 3 wedstrijden van Genk onder Stuivenberg.

 

December 2016. Na een 1 op 12 wordt coach Peter Maes de laan uitgestuurd, een gebrek aan punten en te weinig aandacht voor de clubvisie van KRC Genk waarbij veel aandacht gaat naar de doorstroming van eigen jeugdspelers. De Nederlander Albert Stuivenberg, ex-assistent van Louis Van Gaal, volgt hem op. Genk begint aan een remonte maar mist op een haar na de bekerfinale en PO I. Mede door een knap Europees parcours dat strandt in de kwartfinale van de Europa League, kan Stuivenberg een mooi rapport voorleggen met 18 zeges, 8 draws en 5 nederlagen. Hij behoudt vanzelfsprekend het vertrouwen van het bestuur, meer nog: de kern wordt behouden, belangrijke spelers als Pozuelo mogen de club niet verlaten want met dit team moet er meegedaan worden voor de prijzen. Top-3 is het doel.

September 2017. KRC Genk kent een erg matige seizoensstart, Stuivenberg gooit zijn 4-3-3 overboord en introduceert in de match op Eupen een nieuw concept met een tweespitsensysteem. Geen tegenvallende flankaanvallers Benson en Buffel meer in de ploeg, wel een 3-5-2 formatie. Tijdens de rust schakelen de Limburgers over naar een 4-4-2 in ruit waaraan ook in de matchen tegen Moeskroen en Anderlecht werd vastgehouden. We bekeken de laatste drie wedstrijden van de Limburgers en zagen naast heel wat potentieel ook een aantal belangrijke pijnpunten.

3-5-2 Genktactiek

 

 

1. Progressieve balcirculatie

“Ik vind dat balbezit geen doel op zich mag worden, er moet altijd diepte in ons spel zitten”, dixit Stuivenberg in De Voetbaltrainer tijdens de zomerperiode.

Ondanks het vele balbezit tegen Eupen (62%) en Moeskroen (62%) is een snelle en progressieve (naar voren toe) balcirculatie nog een duidelijk werkpunt van de Genkenaars. In Anderlecht daarentegen had het amper 43% balbezit, daar had het dan weer problemen om de bal lang in de ploeg te houden en vanuit de balcirculatie of in de omschakeling tot grote kansen te komen.

Om te komen tot een vlotte opbouw van achteruit met snelle balcirculatie is een meerderheidssituatie achterin allereerst noodzakelijk. Ook Stuivenberg geeft dat aan: “Binnen onze aanvallende principes is het om 2v1 situaties te kunnen creëren en ze ook uit te spelen. Het gaat erom een tegenstander tot keuze te dwingen en die samen met een medespeler uit te spelen.” Overtalsituaties creëren dus, dat probeert Genk te doen.

Nadat het in de eerste helft in 3-5-2 tegen Eupen speelt en achterin man op man wordt vastgezet, schakelt het de tweede helft bijvoorbeeld om naar een 4-4-2 in ruit. Tegen de twee spitsen van Eupen laat het verdedigende middenvelder Berge centraal inzakken om een overtal te creëren in de achterste lijn.

Tegen Anderlecht had Genk automatisch een overtalsituatie achterin maar had het centrale duo Colley en Aidoo het enorm moeilijk met de onmiddellijke pressing die Anderlecht kwam zetten. Daardoor verloren beide centrale verdedigers heel vaak de bal wanneer ze vooruit iemand probeerden vrij te spelen tussen de linies.

opbouw

Berge creëert een 3v2 situatie door in te zakken, tegen de twee centrumspitsen van Eupen

Naast het beperkte voetballende vermogen centraal achterin, heeft Genk ook te vaak de neiging om balbezit te houden wanneer het eigenlijk makkelijk vooruit kan voetballen. Onderstaand twee voorbeelden waarin eerst Berge en nadien ook Malinovskiy eigenlijk perfect voor een tempoversnelling kan zorgen door in 1 tijd vooruit te spelen, beiden draaien echter terug achteruit en houden het tempo laag.

opbouw

Berge kan in 1 tijd vooruit spelen naar een ploegmaat tussen de linies maar keert terug

opbouw

Ook Malinovskiy kan direct vooruit spelen maar draait terug achteruit

 

2. Diepgang zonder bal

Eén van de nadelen van het systeem 4-4-2 in ruit is het ontbreken van kwalitatieve flankspelers die kunnen variëren in hun loopacties: zowel tussen de linies als in de diepte op het juiste moment. Door de centralisatie aan spelers liggen de flanken voor Genk dus vaak heel erg open wat een voordeel is voor de opkomende backs. Echter, deze infiltrerende flankverdedigers kunnen niet altijd tijdig vooraan zijn waardoor er bij de Genkies regelmatig een pertinent gebrek aan diepte ontstaat. Zeker ook omdat middenvelders Malinovskiy, Berge en Pozuelo de bal wel erg graag in de voet hebben. Ook spits Ingvartsen lijkt eerder een type om in de voet aan te spelen en zorgt onvoldoende voor diepte. Enkel Samatta en Schrijvers durven sporadisch eens de diepte in duiken wat onvoldoende is om voor snel gevaar te zorgen, zeker wanneer de backs niet tijdig vooraan terug te vinden zijn.

diepspelen

Alle centrale spelers van Genk komen naar de bal, op de flanken zijn de backs nog niet kunnen oprukken. Geen diepgang!

Op Anderlecht zorgde Samatta af en toe voor de uitzondering door meer op de linkerflank te blijven en daar vanuit de omschakeling de driemansdefensie van paars-wit pijn te proberen doen.

spits

Samatta zorgt voor diepgang op de linkerflank

3. Ondertalsituaties op de flank

Een ander logisch nadeel aan het 4-4-2 in ruit systeem betekent een magere bezetting op de flanken. Vooral voor de opkomende backs heeft dit serieuze gevolgen. Op rechts komen Clinton Mata maar al te vaak in de problemen: de back, tegen de zijlijn, krijgt logischerwijs erg snel druk en heeft in deze spelopvatting ook weinig aanspeelbaarheid om hem te ondersteunen. Ook hier ligt een belangrijke taak voor de, voorlopig misschien nog te statische, spitsen. Uiteraard moeten ook de vier centrale middenvelders voor voldoende ondersteuning en eventuele infiltraties op de flank zorgen.

Aangezien er weinig ondersteuning is op de flank, heeft Genk elders natuurlijk wél extra spelers op ‘overschot’. Dit zorgt op aanvallend gebied wel vaak voor een grote hoeveelheid infiltrerende mensen in de box wanneer één van de meegekomen backs de bal ontvangt op de buitenkant en, misschien noodgedwongen, tot een voorzet overgaat. Tegen Eupen zorgde dit wel voor twee goals van Ingvartsen steeds na een voorzet vanop de rechterflank. Tegen Moeskroen zorgde Uronen dan weer voor een aanvallend goede bijdrage met voorzetten in de zestienmeter waar bijna constant 3 of meerdere Genkspelers komen ingelopen.

voorzet

Vijf spelers van KRC Genk mee in de box bij een flankvoorzet

4. Dwingender worden in de hoge pressing

Albert Stuivenberg toont zich een duidelijk voorstander van hoog storen, de tegenstander zo snel mogelijk het voetballen beletten om bij voorkeur ook zelf snel tot een scoringskans te komen. Zowel in de matchen tegen Eupen, Moeskroen en Anderlecht trachtte Genk de tegenstander meteen op te jagen met wisselend succes. In de Oostkantons waren de Limburgers meerdere malen succesvol na hoog storen, Moeskroen en Anderlecht leken iets beter voorbereid om onder die druk uit te voetballen.

Samatta en Ingvartsen, beide spitsen, coördineren de pressing. Samatta staat op links meestal tussen de centrale verdediger en rechtsback om hen te dwingen ofwel lang te spelen ofwel de rechterflank van Genk te gebruiken. De linkercentrale verdediger wordt meer vrijgelaten door Ingvartsen die hem dan naar buiten toe duwt om de lange bal of de pass naar de linksback te verkrijgen. Wanneer de linksback de bal krijgt, gaat Schrijvers agressief pressen waarna de bal centraal veroverd moet worden. Een duidelijke keuze om de pressing aan de rechterkant uit te voeren vanwege de profielen van Samatta, Schrijvers en Malinovskiy. De één al meer loopwonder dan de ander.

hoge pressing

Genk oriënteert de pressing bewust naar de rechterkant waar Ingvartsen de bal naar buiten duwt en Schrijvers het laatste voorbereidende werk moet opknappen. Geel zijn de verdedigers, rood de middenvelders en blauw de twee spitsen

Tegen Moeskroen liep dit ook relatief goed in de beginfase maar de bezoekers waren goed voorbereid en konden toch een aantal keer door de druk heen voetballen, zelfs met een knappe openingsgoal als gevolg.

 

 

pressing

Schrijvers laat zich makkelijk voorbijlopen door Huyghebaert, die opent op de opstomende rechtsback Locigno. Deze heeft een boulevard aan ruimte dankzij de centrale oriëntering van het Genkse blok en vooral door de slimme loopactie van Rotariu die Uronen meetrekt naar het centrum. Van daaruit volgt een korte combinatie en de 0-1. Hoge pressing die mislukt op zijn kwetsbaarst. 

 

Het moet gezegd, vaak lukte deze pressing wel uitstekend met hoge balrecuperaties als gevolg!         

Tegen de 3-4-3 van Anderlecht werd de hoge pressing enigszins anders ingevuld. Daar kozen beide spitsen om de buitenste centrale verdedigers van Anderlecht uit te sluiten en tegelijk de pass naar de flankaanvaller tussen de linies te voorkomen.  Zo werd Kara aan de bal gelaten. Centraal op het middenveld dekten Schrijvers en Malinovskiy door op Kums en Trebel en dan was het Pozuelo die met een verticale loopactie het signaal gaf tot pressing. De Spanjaard is echter niet meteen de grootste loper en recuperator waardoor Kara vaak te veel tijd kreeg aan de bal.

pressing

Pozuelo zet druk op Kara. De twee spitsen houden Dendoncker en Deschacht in de gaten terwijl op het middenveld mandekking wordt gespeeld op Kums en Trebel

Toch kwam Genk vaak tot balrecuperatie: Berge was namelijk verantwoordelijk voor het constant achtervolgen van de aanvallende middenvelder van Anderlecht aan de kant van de bal (Hanni indien opbouw op links, Gerkens indien opbouw op rechts) waardoor de back van Genk kon doordekken op de flankmiddenvelder van paars-wit. Het zorgde voor erg direct spel, veel duels en potig voetbal wat gezien de voorsprong van Genk in hun voordeel was.

pressing

Berge zakt in op Hanni. Er ontstaat ruimte tussen de linies maar deze kan niet worden benut door de mandekking op Hanni, Kums en Trebel.

5. Verdedigen ruimte in de rug

Hoog druk zetten impliceert uiteraard het weggeven van ruimte in de rug. Ook dat vormt zeker een werkpunt voor de Limburgse defensie, des te meer voor rechtercentrale verdediger Aidoo. De Ghanese jeugdinternational ging namelijk al iedere wedstrijd minstens eenmaal in de fout door onvoldoende te anticiperen op mogelijke dieptepasses. Tegen Anderlecht werd dit niet afgestraft omdat doelman Vukovic hoog meespeelde, tegen Eupen was dit wel de aanleiding tot de 2-0 achterstand.

verdedigen

Aidoo heeft voldoende voorsprong om de diepe bal te verdedigen. Hij anticipeert onvoldoende en laat zich makkelijk in de rug nemen.

6. Rendement op spelhervattingen

And last but not least: spelhervattingen. Een erg gevaarlijk wapen in de strijd voor de punten, noem het gerust de waterstofbom van het voetbal. Mits een uitstekende focus op hoekschoppen en vrije trappen tegen, kan Genk punten scoren op dit onderdeel. Met Pozuelo en Malynovskiy beschikt het over twee spelers met een uitstekende traptechniek terwijl het met Aidoo, Colley en Ingvartsen over voldoende kopkracht beschikt. Echter, voorlopig staat de balans gescoorde goals vs goals tegen op matige 5-5 tussenstand. Op hoekschoppen tegen is de zoneverdediging vooral kwetsbaar gebleken in de eerste zone, dat probeerde Eupen ook constant uit te buiten. Het scoorde zo ook de 1-0 met Blondelle toen het een 4v3 creëerde in die zone.

corner

4vs3 situatie in het nadeel van Genk in de eerste zone op hoekschop

 

De laatste drie matchen van KRC Genk geven een goed beeld over hun seizoen tot zo ver. Het potentieel is aanwezig, de punten nog onvoldoende. De 5 op 9 tegen Eupen, Moeskroen en Anderlecht kon echter ook zomaar een 9 op 9 geweest zijn. Het vertrouwen van het Genkse bestuur in coach Stuivenberg getuigt van kennis en stabiliteit, een juiste keuze zonder twijfel.

Genk heeft uiteraard nog een pak werkpunten, meer dan bovenstaande zes, maar heeft ook duidelijke troeven. De duelkracht centraal achterin, het voetballend vermogen en de overtalsituaties centraal op het middenveld, een tweespitsensysteem dat altijd moeilijk te bekampen is en heel veel volk voor doel bij flankvoorzetten. Het moge duidelijk zijn dat ook regisseur Pozuelo nog ver van zijn beste vorm is verwijderd wat het spel van de Limburgers op termijn alleen nog maar kan verbeteren. Woensdag een volgende test wanneer Genk leider Club Brugge ontvangt.

Meer Belgisch voetbal

KRC Genk – KAA Gent (1-2): Genk laat initiatief aan bezoekers

De match tussen KRC Genk en KAA Gent kondigde zich voor beiden al aan als cruciaal want de eventuele verliezer mocht zijn titelambities zo goed als zeker opbergen. Met 9 op 12 en verfrissend voetbal had Genk zich vooraf al ontpopt tot een te duchten outsider, Gent vond op zijn beurt de laatste twee matchen eindelijk de vorm van 2015 terug. Het duel groeide alleszins uit tot een heel interessante wedstrijd, een analyse!

tactiek Genk Gent

Startopstellingen van KRC Genk en KAA Gent

Peter Maes hield vast aan zijn ploeg van de voorbije weken. Hij koos opnieuw voor een 4-3-3 met nu Kebano op 10 ten koste van Malinovsky. De elf namen: Bizot, Castagne, Dewaest, Kabasele, Uronen, Ndidi, Pozuelo, Kebano, Buffel, Bailey en Samatta.

KAA Gent toonde tegen Oostende en Anderlecht eindelijk opnieuw met vlagen het voetbal waarmee het verbaasde in de Champions League en Hein Vanhaezebrouck vulde zijn 3-4-3, bij afwezigheid van Boussoufa en Dejaegere, met volgende spelers in: Sels, Nielsen, Gershon, Asare, Kums, Neto, Foket, Saief, Milicevic, Matton en Depoitre.

KRC Genk kiest voor de counter
Al snel in de wedstrijd werden de bedoeling van Genk duidelijk: Gent laag opvangen, de bal proberen recupereren en meteen gevaar creëren in de diepte met Kebano, Buffel, Bailey en Samatta. De thuisploeg, die nochtans vol vertrouwen zit, koos er daarom voor om in balverlies laag terug te zakken en geen druk te geven op de opbouwende Gent-verdedigers. Hoge pressing bleek dit seizoen nochtans al meermaals het succesrecept om de kampioen te verslaan, maar Peter Maes verkoos dus niet die weg op te gaan.

Genk koos terug te zakken diep op de eigen speelhelft, eens Gent in balbezit kwam was het enkel Samatta die wat druk zette op de drie opbouwende verdedigers van de bezoekers. Kebano kreeg de taak om Kums onder druk te zetten, Pozuelo moest Neto in de gaten houden, terwijl Ndidi de hele ruimte achter die twee trachtte te verdedigen. Op de flanken koos Maes niet voor druk vooruit, integendeel, Buffel en Bailey moesten vooral mee achteruit verdedigen op de lopende flankmiddenvelders Saief en Foket.

Bij balrecuperatie probeerde de thuisploeg snel in te spelen op Kebano die duidelijk de taak had meegekregen om in de rug van Asare te duiken. Hij bleef in de buurt van Kums als Gent de bal had, wanneer Genk de bal zou veroveren, ging Kebano meteen hoger spelen om dan diep te lopen in de rug van Asare. Met de snelle Bailey, Samatta en Buffel wilde Genk de counters snel in kansen omzetten. Uiteindelijk lukte dit een drietal keer met de openingsgoal als beste voorbeeld: Kebano die diep wordt gestuurd in de rug van Asare en voorzet richting de infiltrerende Samatta, Buffel en Bailey die binnenkopt.

Tijd en ruimte voor Gents positiespel

Genk Gent pressing

Gentse verdedigers (rood) krijgen tijd om op te bouwen richting middenvelders (groen). Centraal ook heel veel ruimte (blauw) voor afhakende Milicevic en Matton

Ondanks de vroege voorsprong kreeg Gent het initiatief in de schoot geworpen en was het de hele eerste helft baas. Omdat er amper druk vooruit werd gezet door Genk, konden de verdedigers rustig opbouwen. En vooral: zo konden de Gentse spelers voor de bal hun gewenste positiespel spelen en kregen ze de tijd om samen vrij te lopen. Het laatste anderhalf jaar ligt de sterkte van Gent voornamelijk in het herkennen van de ruimte en de samenwerking tussen de flankmiddenvelder en de ‘valse winger’ op die flank: op links gaat het dan vooral om de samenwerking Saief en Matton, op rechts die tussen Milicevic en Foket. Eén speler die steeds tussen de linies komt, de andere die op het juiste moment de diepte bespeelt in de rug van de Genkse verdediging om zo de backs en verdedigende middenvelders aan het twijfelen te brengen. Deze tactiek bracht het samen met een ander gevaar dat Gent vaak creëert de laatste weken wanneer de match meer op slot zit: de twee valse wingers die in één zone/flank komen om daar een man-meersituatie uit te spelen.

Bij de Gentse gelijkmaker kwamen alle bovenstaande factoren eigenlijk allemaal samen. De Gentse verdedigers kunnen rustig opbouwen en Asare krijgt de tijd om in te dribbelen op de helft van Genk. Intussen zijn Matton (tussen de linies) en Saief (breed en diep) in beweging waaruit een voorzet volgt. Matton krijgt de bal en combineert met Milicevic die zijn zone verlaat om een man-meersituatie te creëren waarna de voorzet volgt richting Depoitre die wegloopt van de kopbalsterke centrale verdedigers om het duel te winnen van Uronen en de 1-1 knap binnen te koppen.

Het Genkse middenveld had, door een gebrek aan druk op de bal voorin, ook problemen met de ruimte rond Ndidi. Pozuelo is het creatieve brein van de ploeg, schoof vaak mee in naar voor en moest in balverlies Neto in de gaten houden. Uiteraard zorgde dit voor heel wat ruimte in zijn rug waar vooral Milicevic en Matton geregeld gebruik van maakten. De rode kaart van Saief veranderde uiteindelijk het wedstrijdbeeld wel wat na de rust.

Vanhaezebrouck herschikt pionnen

Gent Genk

                Opstellingen na de rode kaart van Saief

Na de rode kaart gooide Gent het over een andere boeg, de 3-4-3 werd ingeruild voor een defensievere 4-4-1 met Milicevic en Matton op de flanken in steun van Neto en Kums. Nu was het Gent dat de logische keuze maakte om in balverlies iets lager in te zakken waardoor de thuisploeg het initiatief wat meer toegespeeld kreeg. Desondanks had Gent nog vaak de bal en probeerde het rustig uit te voetballen. Dit met de ‘nieuwe backs’ Asare en Foket die geregeld hoger mee opschoven, terwijl Milicevic en/of Matton die momenten meer naar binnen speelden in steun van Depoitre. Opnieuw kregen de bezoekers hiervoor de tijd van Genk dat amper ging jagen.

Genk slaagde er in balbezit intussen niet in om kansen bij elkaar te voetballen door een ondermaats positiespel voor de bal. Tijdens de rust vroegen de Genkse coaches hun team om het spel breed te houden, maar dat werd te letterlijk genomen door de spelersgroep waardoor de backs en de flankaanvallers vaak allebei breed tegen de lijn stonden, tegelijk verdween Kebano centraal uit de match en kwam Karelis steeds in de bal. Genk toonde onvoldoende diepte en verrassing in zijn spel om Gent uit verband te spelen. In de slotminuut haalde Bizot niet alleen Depoitre maar ook de Genkse Champions League ambities onderuit, 1-2 na een heel genietbare topper.

Speeldag 6 in PO I

vrijdag 29/4 om 20.30: Zulte Waregem – KV Oostende
zondag 1/5 om 14.30: Anderlecht – KAA Gent
zondag 1/5 om 18.00: Club Brugge – KRC Genk

Klassement

  1. Club Brugge 41 ptn
  2. KAA Gent     38 ptn
  3. Anderlecht  38 ptn
  4. KRC Genk   33 ptn
  5. Oostende    29 ptn
  6. Zulte Waregem 24 ptn

 Meer Belgisch voetbal

Samenvatting via Stadion.be